TaxiWars

TaxiWars is veruit de beste band van de Lage Landen

Tom Barman is gruizige en raspende kruising van Tom Waits, Tone Loc en zichzelf, voorzien van hypnotische sax pulsen

TaxiWars, wat een naam. Het roept beelden op van rivaliserende groepen mannen in de grote, norse boulevards van een metropool zoals Brussel. Want uit België daar komt TaxiWars vandaan en is donderdag 7 november te gast bij November Music 2019 in Willem Twee poppodium. “Have a grip on my soul.”

TaxiWars
Tom Barman

TaxiWars en Anna Meredith die vooraf ging aan de set van Tom Barman (dEUS) en de zijnen maken deel uit van Moodz, het jazz en elektronica vlaggenschip van November Music.

TaxiWars

Al bij de soundcheck die nogal moeizaam verloopt, merk je de virtuositeit van de bandleden en zie je de nerveuze danspassen van frontman en zanger Tom Barman. Na veel geroep over en weer met de geluidsmannen is de band tevreden en trekt zich terug. Publiek druppelt binnen, een stuk minder dan bij aanvang van de set van Anna Meredith.

TaxiWars
Tom Barman

TaxiWars laat er geen gras over groeien en start fel en strak met het gedreven funky jazz Fever van het gelijknamige album uit 2016. Een fijne hoofdrol voor saxofonist Robin Verheyen. Er is toch technisch iets niet goed met de microfoon van Barman. Als Fever is afgelopen wordt de mic direct vervangen.

TaxiWars
Nicolas Thys

Soul Repair, ook van het Fever album, begint klassiek met een hoofdrol voor de contrabas van Nicolas Thys maar al snel loopt het tempo op en zingt Barman snel en intens dat een ziel gerepareerd moet worden. Aan het eind is nog weinig over van het klassieke begin.

Artificial Horizon

TaxiWars
Robin Verheyen

Dropshot van het recent uitgebrachte album Artificial Horizon is een cool en ingehouden nummer met een Tom Barman die balanceert tussen zang en rap. Het werkt. Het is jazz van de Grote Stad en je ziet taxi’s door brede boulevards suizen. TaxiWars doet zijn naam eer aan met deze track. Dan volgt het korte titelnummer Artificial Horizon en nu gaat het tempo rap omhoog. Robin Verheyen stoot ritmische pulsen uit zijn saxofoon, dermate dat het meer een percussie instrument wordt. Hypnotische pulsen als het ware. Barman zingt in de stream van die pulsaties, hakkend, stotend.

TaxiWars
Antoine Pierre

The Glare, Irritated Love, Rosco en Different Or Not staan behalve Rosco ook op Artificial Horizon. In de intro van The Glare komt de mix met Tom Waits even naar bovendrijven. Barman vervolgt pratend en zingend met het nerveuze spel van Verheyen op saxofoon. Irritated Love is een oceaan van rust met een heerlijke sax solo. Different Or Not is een popsong rechtstreeks uit de jaren ’60. Ook dát kan TaxiWars, popsongs maken.

TaxiWars hypnotische songs
Bridges van het album Fever is het begin van het meest interessante deel van deze free funky jazz set. Bridges is een voortkabbelend nummer opgezet in klassieke jazz patronen. In Who That gaat saxofonist Verheyen helemaal los en schroomt niet om er flink naast en vreselijk schril te blazen.

Apotheose

TaxiWars
Infinity Cove

Dan komt het geweldige Infinity Cove, langer uitgesponnen dan de drie minuten op het Artificial Horizon album. Dit nummer is de apotheose van de avond. Strakke beat, terzake doende vocals en een magistrale Verheyen die op zijn sax het publiek als gehypnotiseerde ratten betovert. “Have a grip on my soul,” declameert TaxiWars voortdurend.

Sharp Practice eveneens op het nieuwe album is lekker dansbaar. De afsluiting is aan Death Ride Through Wet Snow van het TaxiWars album uit 2016. Roffelende drums, hot sax en de donker raspende stem van Tom Barman die rapper Tone Loc aanhaalt. Wilde free jazz en een terecht slot. TaxiWars geeft nog een toegift na aandringen van de enthousiaste fans.

TaxiWars
Jumps & grooves

Na dit optreden even alles laten bezinken. Eenmaal thuis kom ik tot de conclusie deze avond de beste band der Lage Landen te hebben gezien. Volwassen muziek gemaakt door zeer professionele musici die ijzersterke nummers met de nodige improvisaties levendig op een podium uitvoeren. TaxiWars 4 ever.


Bandleden TaxiWars
Tom Barman (vocals)
Robin Verheyen (saxophones)
Nicolas Thys (contrabas)
Antoine Pierre (drums)

Fotografie: Wim Roelsma, Artishoot Fotografie

Golden Dawn Arkestra

Show Golden Dawn Arkestra is B-film uit Hollywood studio’s

Intergalactische danseressen en muzikanten spelen dansbare synthi-afrobeat

De opkomst van Golden Dawn Arkestra uit de VS is goed georchestreerd en toen de band (bijna) voltallig op het podium van de BLVRD-theatertent stond, wist ik waar ik dt soort type show eerder heb gezien. Bij die van Sun Ra Arkestra, de intergalactische jazzband van Sun Ra die ik verschillende keren op het North Sea Jazz festival zag. Al in de jaren ’70/’80 was dat.

En nu heeft de ‘zoon’ van Sun Ra zijn vader min of meer nagebootst. Of Zapot Mgwana de echte zoon is van Sun Ra durf ik niet te zeggen, maar een amusante kopie is Golden Dawn Arkestra zeker te noemen.

Golden Dawn Arkestra
gogo danseres Golden Dawn Arkestra

Zapot Mgwana

Golden Dawn Arkestra
Zapot Mgwana

Golden Dawn Arkestra is de schepping van Zapot Mgwana. Hij heeft zijn vader [Herman Poole Blount aka Sun Ra, red.] nooit gekend, maar zijn moeder hield stug vol dat het Sun Ra zelf was. Mgwana liet zich door zijn (geestelijk) vader inspireren en vormde met een bonte groep muzikanten zijn eigen Arkestra. Een smeltkroes van afrobeat, funk, soul en rock ’n roll, met flamboyante kostuums en kosmische gogo-danseressen.

Golden Dawn Arkestra
Golden Dawn Arkestra

Scifi B-film uit de jaren ’50
Kleurrijk, bombastisch, ritmisch en aanstekelijk zijn wel de kenmerken die je aan Golden Dawn Arkestra mag geven. Je krijgt het gevoel dat je naar acteurs staat te kijken die zo uit een science fiction film uit de jaren ’50 van de vorige eeuw op het podium van de BLVRD-theatertent komen binnenlopen. Het is een B-film, dat dan weer wel maar die zijn achteraf vaak het leukste.

Golden Dawn Arkestra
danseres/zangeres

Concert Golden Dawn Arkestra

Deze diashow vereist JavaScript.

Voor een woensdagavond was het druk te noemen in de theatertent. Niet zo druk als afgelopen weekend bij CC Smugglers, maar dat is ook wel zo fijn. Er was genoeg ruimte voor het publiek om te dansen en dat kan je zeker bij deze pompeuze funky afrobeat band uit de VS. De lange intro met veel synthesizer beats, percussie, drums en sax was hypnotisch van opbouw.

Deze diashow vereist JavaScript.

Het was ook aangenaam dat de soundmixers het volume draaglijk hielden. Alleen de zangpartijen kwamen er niet goed vanaf, want het geluid van die microfoons stond dan weer te laag afgestemd (het is ook nooit goed, hè?).

Golden Dawn Arkestra
saxofonisten hardbop

De show werd regelmatig opgeleukt door echte gogo danseressen die leken te zijn weggelopen uit de vertellingen van Duizend-en-een-nacht. Er was ook een korte, free jazz hardbop moment van drie saxofonisten waarna de tent weer vrolijk werd meegenomen in het ritme van afrobeat, funk & soul. Golden Dawn Arkestra staat garant voor fijne feestavond.


Gastschrijver: Mathijs van Tongeren

Conservatorium Talent Award

Saxofonist Mo van der Does wint Conservatorium Talent Award

Acht conservatoria sturen beste jazzstudenten naar prestigieuze muziekwedstrijd

Saxofonist Mo van der Does (22) wint de Conservatorium Talent Award 2019. Mo werd door het Conservatorium van Amsterdam naar Den Bosch gezonden om mee te dingen naar deze prestigieuze en felbegeerde muziekwedstrijd die in de Clubzaal van de Verkadefabriek wordt gehouden.

Conservatorium Talent Award
Mo van der Does

Mo van der Does
Het is maar de vraag of Mo de eerste paar minuten nadat Commissaris van de Koning van Noord-Brabant, Wim van de Donk, hem aanwijst als winnaar, beseft wat hem overkomt. Dat blijkt wel als ik meteen na de eerste fotoshoot hem enige vragen stel.

KLANKGAT: Eerste reactie, hoe voel jij je?
Mo van der Does: Eh, heel blij. Ja, ik ben heel blij verrast. Waanzinnig dat ik dit heb mogen winnen. Heel dankbaar naar de organisatie en de muzikanten. Iedereen heeft fantastisch gespeeld. Ja, heel dankbaar.

Je had het niet verwacht?
Nou, er zijn zoveel goede muzikanten hier vandaag. Je weet het nooit met zo’n competitie. Dus, vandaar.

Heb je een vermoeden waarom de jury voor jou heeft gekozen?
Niet per se anders dan dat ze in het juryrapport hebben gezegd. Dat ik me bezighoud met de traditie en daarbinnen misschien verder probeer te kijken.

Je gaat ook optreden in Jazz in Duketown.
Ja, zeker. Op de Markt

Misschien wel met Marcus Miller?
(lacht) Ik denk helaas niet met Marcus Miller. Maar wie weet, kom ik hem nog tegen.

Conservatorium Talent Award
Mo in de Clubzaal Verkaderfabriek

Vanaf zijn 14e heeft altsaxofonist Mo van der Does (1997) vier jaar de jong talent afdeling gevolgd aan het Conservatorium van Amsterdam, het Junior Jazz College genaamd, waarna hij werd toegelaten tot de bachelor jazzsaxofoon.

De vakjury kijkt naar aan aantal aspecten zoals instrumentbeheersing, samenspel en performance. Daarnaast is zij ook gevoelig of een student zich binnen de jazztraditie beweegt. Dat betekent niet dat de jury niet open staat voor nieuwe ontwikkelingen. Verre van dat. Er wordt ook gekeken of de winnaar de potentie heeft om in de nabije toekomst door te groeien naar een professionele musicus. “Die het helemaal gaat maken.”

Conservatorium Talent Award

Conservatorium Talent Award
Samenspel criterium jury

Het Conservatorium Talent Award telt dit jaar maar liefst acht deelnemers. Acht Nederlandse conservatoria hebben hun beste jazzstudenten naar deze muziekwedstrijd gestuurd. Alle muzikanten krijgen een half uur om hun kunnen aan het publiek en een vijfkoppige vakjury onder leiding van Aad van Nieuwkerk te tonen.

De winnaar van het Conservatorium Talent Award ontvangt een geldprijs van 5000 euro voor een talent-ondersteun(en)de activiteit. Bovendien speelt de winnaar op zaterdag 8 juni op het podium aan de Markt tijdens het openluchtfestival Jazz in Duketown dat deze muziekwedstrijd mede organiseert.

Pianist Daniël van der Duim (23) opent om 11.00 uur de 2019-editie van de Conservatorium Talent Award samen met twee begeleiders met wie Van der Duim het Dopplertrio vormt. Bossche jazz drummer Jens Meijer (23) sluit de ronde om 18.30 uur af.

Conservatorium Talent Award
Daniël van der Duim – piano

Speelschema Conservatorium Talent Award 2019

  • 11:05 uur Daniël van der Duim, Arnhem, piano
  • 12:00 uur Ante Medic, Utrecht, gitaar
  • 12:55 uur Daphne Horsten, Tilburg, zang
  • 13:50 uur Louise van den Heuvel, Maastricht, basgitaar
  • 14:45 uur Mo van der Does, Amsterdam, saxofoon
  • 15:40 uur Jurgen Scholtanus, Zwolle, trompet
  • 16:35 uur Simon Kalker, Den Haag, contrabas, elektrische bas
  • 17:30 uur Jens Meijer, Rotterdam, drums

Deze diashow vereist JavaScript.

LABtrio

LABtrio brengt Usher en Bach naar Jazz Factory

Bijzonder optreden in sfeervolle Clubzaal van de Verkadefabriek

LABtrio zijn drie unieke muzikanten met sterke persoonlijkheden, begiftigd met een frisse en avontuurlijke benadering van muziek. Onder de noemer Jazz Factory programmeert de Verkadefabriek regelmatig bijzondere concerten in de altijd sfeervolle Clubzaal, en dat was afgelopen zondag niet anders. Het Belgische LABtrio zette een avontuurlijke show neer die je aandacht van begin tot eind vasthield. Invloeden van klassieke muziek, pop en elektronische muziek klonken door in de gelaagde jazz van het trio, wat het een bijzonder gelaagd geheel maakte.

LABtrio
Lander Gyselinck

Die verschillende invloeden zijn terug te voeren op de achtergronden van de bandleden. Drummer Lander Gyselinck, bassiste Anneleen Boehme en pianist Bram de Looze (nu weet je ook waar de naam LABtrio vandaan komt) spelen al twaalf jaar samen, maar hebben op hele verschillende plekken gestudeerd en gespeeld. Zo heeft Lander aan de New School for Jazz and Contemporary Music in New York gestudeerd, en heeft hij gebreakdancet. Ook drumt hij bij de experimentele jazzhiphopband STUFF. Als er tijdens het concert een stukje Usher voorbijkomt komt weet je wie er verantwoordelijk voor is. Lander: “Ik heb wel een zoetzemerig kantje, ja.”

LABtrio
Bram De Looze

Aan de andere kant (van het podium, maar ook qua stijl) zit pianist Bram, die de klassieke invloeden verzorgt, zoals bijvoorbeeld een eigen arrangement van het stuk Fugue van Bach. “Eigenlijk hebben we weinig aangepast, het zijn vooral accenten die we anders leggen,” aldus Bram. Toch voelt het tijdens het concert niet aan als zomaar een uitvoering van Bach, wat natuurlijk ook komt door de toevoeging van drums. Ten slotte hebben we Anneleen in het midden, die de twee uitersten naast haar probleemloos met haar bas aan elkaar lijmt. Naast LABtrio speelt en composeert ze ook voor kleinkunst en theater. Het maakt haar spel moeiteloos veelzijdig.

LABtrio
Anneleen Boehme

Het is mooi om te zien hoe die drie verschillende stijlen samensmelten tot iets compleet eigens, zeker als je bedenkt dat het trio in zijn twaalfjarig bestaan soms over verschillende landen verspreid zat. Anneleen: “Soms zien, of zelfs horen, we elkaar maanden niet, maar als we dan weer samenspelen is het altijd weer goed.” En dat was te zien in de Verkadefabriek. Klassieke pianomelodieën afgewisseld door grove drumbreaks, soundscape-achtige intro’s met bas en regentikjes op de drums en subtiele toetsenaccenten. Usher, Bach en Michael Sembello’s Maniac. Anneleen: “We hebben er zelfs over nagedacht om Britney Spears erin te doen. Hoe fouter hoe beter.”

Tekst: Jan Douwe Krist
Foto’s: Ronald Rijken

Irrelevator

Irrelevator stuurt eerste plaat de wereld in

Bosch trio maakt boeiende Music For The Insignificant

Sinds een kleine maand staat Music For The Insignificant online, de debuutplaat van de instrumentale band Irrelevator. Deze nieuwe Bossche band bestaat uit oudgediende muzikanten die alle drie hun sporen al verdiend hebben. Ze stonden januari jongstleden al op het podium tijdens een avond On The House, nog voor één van hun nummers wereldkundig was gemaakt.

Irrelevator
Irrelevator live On The House

Irrelevator

De eerste single van Irrelevator, Repeat After Me, zag vlak daarna het levenslicht en is het beluisteren én bekijken meer dan waard. Strak drum-, gitaar- en basspel aangevuld met rake samples begeleiden licht vervreemdende beelden uit een mythisch zwart-wit verleden- een goede combinatie van geluid en beeld, door de band zelf ingespeeld en opgenomen in één van de repetitieruimtes van de W2. Vervolgens hebben ze de nummers zelf afgemixt en gemonteerd. Een knap staaltje huisvlijt en een goed voorbeeld van de doe-het-zelf-gedachte waar eind vorige eeuw de punk mee begonnen is.

Artwork

Irrelevator
Hoes Music For The Insignificant

Ook het artwork komt uit eigen keuken en is prima in orde maar dat kan niet anders gezien de grafische achtergrond van de bassist. Kort hierop volgde hun tweede single, Epic Flaws Of The Mind en nu is daar Music For The Insignificant, hun eerste ‘volle’ plaat die sinds een maand online te beluisteren en te downloaden is.
De drie heren van Irrelevator zijn geen nieuwkomers in de muziek. Paul drumde jaren geleden onder andere bij Crowbar, een Bosch hardcore trio, Ab heeft als componist, arrangeur en gitarist een aantal muziektheaterstukken gemaakt, waarbij hij geholpen werd door Jan Hein op bas.

Welk hoekje
Dat dit ze geen windeieren legt blijkt duidelijk bij het beluisteren van ‘Music…’. Strakke drums, mooie volle baspartijen aangevuld met lekkere gitaarlicks danwel -riffs. Als kersje op de tompoes weet Irrelevator de ene keer een glimlach, een andere keer verwondering te wekken met hun keuze van samples. Maar in welk hoekje valt hun muziek? Een klein rondje refenties doen? NoMeansNo, Victims Family, een vleugje Residents? Metal? Mathcore? Jazz? Hardcore? Punk?
Irrelevator speelt instrumentale nummers. Dynamisch. Stevig. De ene keer hoekig, een andere keer redelijk recht toe, recht aan rockend. Maar altijd gevarieerd, met knappe breaks om je aandacht bij de les te houden. En steevast strak. De thema’s van de nummers worden bepaald door de gebruikte samples.

Humor

Irrelevator
Irrelevator live

Dat Irrelevator humor hoog in het vaandel heeft blijkt uit titels als God Lives In My Fishtank en Squeeze My Tompoucy. Repeat After Me, Round Pyramid en It All Started With The Mexicans tonen een maatschappelijke betrokkenheid. Dat Irrelevator toch een beetje op afstand blijft komt wellicht juist door het instrumentale van hun muziek. Het jezelf identificeren met een vocalist(e), met een eigen stem en dictie is er niet bij. Ook het cleane gitaargeluid houdt mij wat op afstand. Het had voor mij wat vetter aangezet mogen zijn. Maar aan de andere kant, over smaak valt eindeloos te twisten.
Ook de beperkte technische mogelijkheden van de basale apparatuur in een repetitiehol laten wel wat te wensen over natuurlijk. Hopelijk is er in de toekomst meer mogelijk op dit vlak.

Nog een bewijs dat Irrelevator in is voor een geintje: bij de ‘lancering’ van ‘Music…’ was het mogelijk om mee te doen aan een loterij. Je kon hierbij een plectrum van de bassist winnen. Dat het hier een volkomen random plectrum betrof omdat hij zelf nooit zo’n plastic plaatje gebruikt, mocht de pret niet drukken.
De drie heren van Irrelevator hebben een fraaie eerste stap gezet, Music For The Insignificant is hoorbaar met veel plezier ingespeeld.


Zaterdag 16 februari heb je de kans om Irrelevator live te zien. Ze spelen dan als voorprogramma van Tangled Horns in Brouwcafé De Vaart.

Irrelevator:
Paul van de Koevering, drums
Ab van de Meerendonk, gitaar
Jan Hein Arens, bas

Foto’s van Facebookpagina Irrelevator

Experimenteerdrift voor liefhebbers bij November Music

Jazz in de blender bij Benjamin Herman's Bughouse en Secret Chiefs 3

Elk jaar op een redelijk vanzelfsprekend moment strijkt November Music neer in Den Bosch, een festival “waarbij makers en componisten putten uit hedendaags gecomponeerde muziek, jazz, new world music, muziektheater, visual music, electronics & soundscapes en geluidsinstallaties.” Meestal neem ik dat soort claims net zo serieus als mensen die, gevraagd naar hun favoriete muziek, zeggen dat ze “overal wel naar luisteren.” Zo breed dat het veilig wordt. Maar op het dubbelconcert van Benjamin Herman’s Bughouse en Secret Chiefs 3 was de brede claim juist erg goed toepasbaar. En het was allesbehalve veilig.

Deze diashow vereist JavaScript.

Benjamin Herman’s Bughouse begint gelijk met het voet op het gaspedaal en haalt die er gedurende het concert niet meer vanaf. Het is punkjazz, met drums in de hoogste versnelling, stevige bas, een gitaar die af en toe als een opgevoerde saxofoon klinkt en de saxofoon als leidende melodie. Onwillekeurig doemen er bij elke saxofoon solo filmbeelden van een achtervolging door de oude stad van Caïro in me op. Ik kan me niet eens herinneren uit welke film, maar die sfeer roept het dus op. Het is wel een achtervolging van een uur lang: zoals gezegd houdt de band het gaspedaal constant ingedrukt, en dat is best pittig als je niet aan punkjazz gewend bent. Hier en daar een rustmomentje was niet ongewenst geweest.

Deze diashow vereist JavaScript.

De New Yorkse band Secret Chiefs 3 weet dat soort momenten wel heel goed in te lassen, om dan opeens weer een muur van geluid het publiek in te blazen. De muzikale stijlen zijn even afwisselend als het tempo: van metal en surfrock naar Afrikaanse ritmes en Arabische melodieën, met jazz als basis. Die jazz merk je vooral op in de benadering, in de tempowisselingen, improvisatie, experimenteerdrift en complexiteit. In het geluid zijn de eerdergenoemde stijlen belangrijker, waarin vooral de viool erg belangrijk is voor de sfeer.

Secret Chiefs 3
Secret Chiefs 3

En dan moet ik eerlijk bekennen: eigenlijk houd ik helemaal niet zo van zulke complexe muziek. Telkens als ik de melodieën heb ontrafeld en een beetje in het ritme kom, slaat de muziek weer compleet om en kan ik weer opnieuw beginnen. Dat zegt trouwens alles over mijn smaak en niks over de bands van dienst. Maar ja, dan denk ik weer aan de claims van November Music die ik zo terloops heb gelezen. En kan ik niet anders dan concluderen dat Herman Benjamin’s Bughouse en Secret Chief 3 die toch wel erg waarmaken. Had ik hem maar serieus moeten nemen.


Foto’s: Johan van Bommel en Sandra Leijtens
Met dank aan Willem Twee poppodium en November Music

Sax Solo

John Zorn toont vele gezichten in Sax Solo

Jheronimus Bosch Art Center perfect voor een virtuoso

Daar staat hij dan, John Zorn, een kleine man, casual gekleed, om een sax solo weg te geven. Midden op een verhoging waar ooit het altaar moet hebben gestaan van de Sint Jacobskerk dat nu het Jheronimus Bosch Art Center (JBAC) heet. Vooraf wordt uitdrukkelijk gevraagd of iedereen zijn mobiel op mute zet en zeker geen foto’s noch video’s maakt. John wil dat niet. Luisteren naar zijn muziek, daar kom je toch voor, al het andere leidt alleen maar af en is storend voor hem, de anderen en voor jezelf, is de gedachte.

John Zorn Dag November Music

Het is een bijzondere dag, deze John Zorn Dag op maandag 5 november. Deze maandag is een herhaling van het episch hoogtepunt van November Music in 2017: de John Zorn marathon. De Amerikaan was er zelf ook van onder de indruk en komt op eigen verzoek terug naar November Music 2018. Dit jaar geeft hij het publiek zeven uitgelezen concerten waarin de volle reikwijdte van zijn muzikale exploratiedrift is te beluisteren. De Sax Solo in het JBAC maakt daar deel van uit.

Sax Solo
Zorn sax solo in Jheronimus Bosch Art Center

De Sax Solo is zeer bijzonder want soloconcerten voor saxofoon geeft John Zorn maar mondjesmaat. Zijn fans grijpen deze unieke gelegenheid dan ook met beide handen aan. Dat is te merken in het Jheronimus Bosch Art Center want de voormalige kerk loopt snel vol. Het zijn vooral mannen die Zorn wat betreft de saxofoon tot zijn fans mag rekenen.

Sax Solo – het concert

Voor de beroemde triptiek Tuin der Lusten van Jheronimus Bosch – een replica overigens want het origineel hangt in het Prado, Madrid – geeft Zorn in het half uur dat dit concert duurt, een drietal ongeëvenaarde improvisaties weg. Op zijn hoofdinstrument, de altsaxofoon en zonder enige elektrische versterking. De unieke akoestiek van de kerk doet de rest.
De Sax Solo begint eerst met een korte intro die je als een soort samenvatting kan beschouwen wat komen gaat. Wat is het? Het is niet alleen jazz of modern klassiek (kan dat met een saxofoon? wis en waarachtig!), neo-bop, soundscape of noise maar een mengeling van al deze mogelijkheden. Maar dat weet je pas achteraf.

Deze diashow vereist JavaScript.

John Zorn beheerst al die stijlen. Hoe kan het ook anders als je je leven lang hebt gewijd aan muziek zoals deze New Yorker heeft gedaan. Hij hanteert een sterk eclectische stijl, staat op Wikipedia, maar zelfs die omschrijving doet hem tekort. De drie langere nummers van deze Sax Solo spiegelen zich alle drie aan die korte intro.

Het eerste stuk is dan kalm dan uptempo dan zeer uptempo waar muziek wordt verlaten om plaats te maken voor noise die dan weer overgaat in een sereen gedeelte dat uit een saxofoon zo heerlijk kan klinken. En up, up, up gaat het weer tot de abrupte stop.

Het middenstuk is kort en opmerkelijk. Zorn haalt het mondstuk uit zijn saxofoon en gaat ermee ‘tetteren’, een soort Donald Duck act en loopt wat rond. De zaal kan het wel waarderen en er wordt wat gelachen, vooral als hij tegen een beeld uit de Bosch’ mythologie tettert. Hier toont hij de speelsheid die een virtuoos kenmerkt: lichtvoetig en vol zelfspot.

Sax Solo
Gewelf Jheronimus Bosch Art Center

In het derde stuk van de Sax Solo rekent Zorn genadeloos af met die speelsheid en toont al zijn gezichten, van hemelse schoonheid in serene landschappen tot lelijke breaks & noise uit de slechtste achterbuurten van een metropool in verval. Het is bijna een auditieve vertaling van De Tuin der Lusten. Daarnaast lijkt Zorn te zoeken naar nieuwe geluiden. Alles wat maar in hem opkomt, wordt vanuit zijn longen via die saxofoon tevoorschijn gebracht en losgelaten op de uitzonderlijke akoestiek van het Jheronimus Bosch Art Center.


Screenshot: John Zorn: Live at The Greene Space, April 30 2009

James Carter Elektrik Outlet heeft Jazz in Duketown veel te vertellen

Onverwachts, gelaagd en vooral ontzettend goed

Muziek is een gesprek, was de boodschap van de workshop die James Carter zondagmiddag op De Markt gaf. Die avond was hij zelf aan het woord, met zijn formatie Elektrik Outlet. Het werd een gesprek van hoog niveau.

James Carter Elektrik Outlet heeft Jazz in Duketown veel te vertellen - ©ronald_rijken
James Carter Elektrik Outlet

James Carter begint na opkomst met een uitgebreide introductie van zichzelf, zijn bandleden en de setlist. Hij is een imposante man, groot en met een charismatische uitstraling. Desondanks praat hij na deze introductie niet veel meer en laat hij vooral zijn saxofoon en klarinet spreken. Hij wordt bijgestaan door Gerard Gibbs op toetsen, Ralphe Armstrong op basgitaar en Alex White op drums. Stuk voor stuk zijn het meesterlijke muzikanten die hun instrument tot in de puntjes beheersen.

Zo weet Carter het voor elkaar te krijgen zijn saxofoon soms te laten klinken als een funky basgitaar, om even later te fluisteren door zijn klarinet. Ook de non-verbale communicatie in dit muzikale gesprek is indrukwekkend. Carter speelt met de afstand tussen microfoon en instrument en deint mee op elke noot, alsof hij de lucht uit zijn tenen moet pompen.

Samen met de Elektrik Outlet maakt het een fascinerend geheel. Als je even opgaat in het spel van Carter kan je zo missen dat de drummer een tempowisseling heeft ingezet die de muziek weer een andere kant opneemt. Zo blijft het hele concert onvoorspelbaar, de muziek rolt subtiel in elkaar over en alle muzikanten weten ongelooflijk veel uit hun instrument te halen.

Deze diashow vereist JavaScript.

Een uitzondering op de gelaagde, instrumentale en experimentele jazz waar het concert grotendeels uit bestaat is het nummer Blue Mashed Potatoes van bassist Ralphe Armstrong. Een bluesnummer waarin Armstrong laat zien niet alleen de bas te beheersen, maar ook een hele goede zanger te zijn. Waar de “blue mashed potatoes” op slaan? Op het gerecht wat een afzichtelijke vrouw altijd voor haar man kookte, waarna hij haar plotseling niet zo afzichtelijk meer vond. Het geheime, blauwe, ingrediënt bleek namelijk viagra te zijn…

Na dit bluesy uitstapje tussen anderhalf uur aan spetterende jazz door is het bijna ongemerkt 1 uur ’s nachts geworden, en is het concert helaas ten einde. Tijdens een goed gesprek vliegt de tijd. Ondanks het late tijdstip komt de band toch nog terug voor een toegift van ruim een kwartier. James Carter Elektrik Outlet was toch nog niet uitgepraat.

 

Foto’s: Ronald Rijken

 

Zara McFarlane en Band

Fusion van jazz, reggae en een verbluffend stemgeluid

Tweede Pinksterdag tijdens Jazz in Duketown stond de zon heet te schijnen, wat prima samenging met de stem en show van Zara McFarlane en haar band op de Markt. Voordat de tijd van het optreden daar was stond Binker Golding, haar saxofonist nog even warm te spelen. En ik wist meteen dat ik in goede handen was, snelle maar uiterst gevoelige en gecontroleerde loopjes op complexe akkoorden schoten op en neer met die warme houten toon die de sax tot zo’n geweldig instrument maken, althans in de handen van een razend goede speler.

Zara McFarlane en Band - ©ellen van lent
Binker Golding

De andere instrumentalisten, (contrabas/ elektrische bas, piano/ nord lead, drums) begonnen rustig maar indringend aan hun partijen, en het stond meteen als een huis. Ritme strak maar wiegend, rustig maar intens, akkoorden die bepaald niet standaard waren maar waarin ieders partijen toch weer samen kwamen.

Zara McFarlane en Band - ©ellen van lent
Zara McFarlane

Zarah begon met een ietwat hese lage stem aan een lied over vrede. Mooi en beheerst uitgevoerd. En toen begon ze echt uit te pakken met haar stem, die van ietwat hees laag in vol laag veranderde en plots doorschoot naar ongekende en zuivere hoogten zeker op het stuk Where have you been all my life, rond en perfect uitgevoerd. Plots zaten we helemaal in het jazz gevoel. Op de fusion hoefden we niet lang te wachten, er zette een ritme in dat reggae als basis had, maar wel met accentverschillen, die afhankelijk van je eigen interpretatie een ‘oh geweldig’ gevoel of lichte irritatie konden opwekken omdat de band net buiten de geijkte patronen stapte.

Zara McFarlane en Band - ©ellen van lent
De Bossche Markt

Jammer genoeg leek dat ertoe te leiden dat er bij het spetterende einde niet heel veel publiek meer zat. Ten onrechte, de band was het waard om veel meer publiek te hebben, evenals de geluidstechniek die een stuk beter was dan vorig jaar.

Foto’s: Ellen van Lent

John Scofield overziet een volle Markt

En wisselt van country, blues tot avant-garde

John Scofield (Dayton, Ohio, 1951) wisselt op zijn gitaar net zo vlot van stijl als een kameleon van kleur. Hij draait daar zijn hand niet voor om. Dezelfde vingers die avant-garde jazz spelen, gaan net zo vlot over de snaren bij een honkytonk nummer. Onnavolgbaar en eigenlijk alleen weggelegd als je in de Verenigde Staten bent geboren. Het zit dan gewoon in je. Zaterdagavond 19 mei kwam jazz-minnend Nederland aan zijn trekken.

Jazz in Duketown strikt weer een grote naam

John Scofield overziet een volle Markt - ©ronald_rijken
John Scofield met band

Het is de organisatie van Jazz in Duketown in 2018 wederom gelukt om een grote jazzcoryfee binnen te halen. Vorig jaar de legendarische gitarist Al Di Meola en nu de net zo befaamde John Scofield. Scofield werkte onder meer met drummer Billy Cobham die een paar edities geleden ook op dit openlucht festival aantrad. De lijst met namen met wie Scofield allemaal speelde, is zonder meer duizelingwekkend te noemen: Charles Mingus, Herbie Hancock, Chick Corea, Joe Henderson, Pat Metheny, Gerry Mulligan, McCoy Tyner, Jim Hall en Chet Baker. Daarnaast was hij drie jaar de vaste gitarist van Miles Davis geweest. In zijn kielzog staan deze jazzgiganten als schimmen – velen zijn niet meer onder ons – ook op het grote podium op de Markt.

Lange nummers
De presentators van Jazz in Duketown loofden de grote opkomst voor John Scofield en hielden het gelukkig erg kort. Het enige wat bleef hangen was dat Scofield veel zou gaan spelen van zijn laatste album Country for Old Men. ‘Sommige covers op dat album zullen u wel bekend in de oren klinken’ waarna de Amerikaan werd uitgenodigd om aan te treden.
John Scofield komt als eerste op, gevolgd door Gerald Clayton (piano, Hammond), Bill Stewart(drums) en Vicente Archer (contrabas). Scofield verwelkomt het publiek en stelt zijn begeleiders voor. De rijzige grijsaard herhaalt dat veel zal worden gespeeld uit het laatste album.
Het openingsnummer is een mengelmoes van stijlen. Jazz, blues en country vloeien moeiteloos in elkaar op. Voor de Hammond orgel is een solo vrijgemaakt en je ziet Scofield zichtbaar genieten van het spel van Gerald Clayton. Het is een erg lang nummer dat daarmee de toon zet van dit anderhalf uur durend concert. In totaal worden slechts zes nummers gespeeld. Zelfs een cover van I Am So Lonesome I Could Cry van countryzanger Hank Williams moet er aan geloven en wordt flink uitgesponnen.

John Scofield overziet een volle Markt - ©ronald_rijken
John Scofield

Het publiek luistert zeer geconcentreerd en applaudisseert met gepast volume na een gitaarsolo van de meester en wat uitbundiger met gefluit na solo’s van zijn begeleiders. Het toont het grote respect dat de mensen hebben voor deze man die zo’n grote rol speelt in de hedendaagse jazz. Scofield heerst over zijn podium en kijkt zijn publiek recht in het gezicht met een stalen uitdrukking in zijn ogen. Het is bijna intimiderend die blik, maar als hij een klein kind in het publiek ontwaart dat danst, moedigt hij het aan door breed te lachen.

Scofields tourmanager meldt dat John zich niet zo lekker voelt en daarom afziet van een persinterview na afloop van het concert. Dat is niet te merken aan zijn gitaarspel dat vooral in de prachtige ballad I’m Sleeping In een grote hoogte bereikt als hij een lange solo inzet. Het is echt een weergaloze lullabye. Ook de wat kille wind die over de Markt waait, heeft nagenoeg geen invloed op zijn spel. Scofield maakt tussen de nummers door graag een praatje en vertelt dat hij vaak in Europa toert en noemt Nederland (The Netherlands) met name. Hij vindt Jazz in Duketown een geweldig event, maar vermijdt wijselijk om de naam van de stad te noemen want onuitsprekelijk voor een Amerikaanse tong.

Deze diashow vereist JavaScript.

Het optreden eindigt met New Walzo dat ook op het laatste album staat. De voltallige band staat op en neemt het lange applaus in ontvangst. Scofield stelt hen nog een keer één voor één voor en weg is hij. Er zit geen toegift bij want dat laat het strakke schema van Jazz in Duketown ook niet toe. In een mum van tijd is de mensenmassa opgelost, maar aan de gezichten is te zien dat mensen genoten hebben van dit concert. Of zoals de presentator al zei aan het begin: “Het zal moeilijk worden om dit te overtreffen.”