Stichting Tesselschade, die voorheen haar basis had in de Bossche Tesselschadestraat, is tegenwoordig gevestigd aan de Bilderdijkstraat. Achter de schermen wordt daar gewerkt aan een helder doel: het realiseren van een blijvende locatie in ’s-Hertogenbosch voor de huisvesting van repetitieruimtes. Hiermee streeft de stichting naar een stabiel fundament voor de lokale muziekscene, zodat creatief talent in de stad altijd een plek heeft om zich te ontwikkelen en voor te bereiden op het podium.
Stichting Tesselschade

Het belang van een vaste creatieve basis
Een bloeiende lokale muziekscene leunt op meer dan alleen podia; het begint bij de beschikbaarheid van kwalitatieve en betaalbare werkruimte. Permanente repetitiefaciliteiten vormen het fundament waarop bands en artiesten kunnen experimenteren en groeien. Door deze ruimtes in eigen stad te waarborgen, wordt voorkomen dat talent uitwijkt naar omliggende regio’s en blijft de artistieke dynamiek binnen de Bossche stadsgrenzen behouden. Een vaste locatie voor Stichting Tesselschade betekent een investering in de culturele toekomst van ’s-Hertogenbosch.
Ik sprak met een aantal bestuursleden van de Stichting Tesselschade. Dat zijn Mark van Noort – voorzitter en docent, Maarten Jansen – lid en docent en Rutger Wammes – lid, docent en event organisator. Met Rutger heb ik een interview over Rock’N Kids. Dat interview staat in deel II van het interview Stichting Tesselschade.

Mark van Noort: De stichting is ongeveer twee jaar geleden opgericht. Daarna zijn we een traject ingegaan richting nieuwe huisvesting. Judith Hendrickx (van politieke partij Bossche Groenen, red.) heeft daarin een belangrijke rol gespeeld. Zij heeft voor ons de deur naar de gemeente weten open te zetten en ons in contact gebracht met de juiste mensen.
Maarten Jansen: Dat was Hidde Roording van de gemeente.
Mark: Ja, hij werd uiteindelijk onze contactpersoon. Via hem hebben we het hele traject kunnen doorlopen en deze locatie weten te regelen.
Maarten: Hij werkt bij Sociaal Maatschappelijk Vastgoed (gemeente ‘s-Hertogenbosch, red.). Zij beheren gemeentelijke panden en kijken bijvoorbeeld voor verenigingen en culturele instellingen waar ruimte beschikbaar is of kan worden vrijgemaakt.
KLANKGAT: Wanneer kregen jullie deze locatie toegewezen?
Maarten: Dat was vorig jaar, in juli, tijdens de zomervakantie. Toen zijn we gestart met de eerste verbouwing.
Mark: Vanaf de kerstvakantie zijn we met z’n allen echt volop aan de slag gegaan. Sindsdien zijn we continu bezig geweest met verbouwen. Dat was behoorlijk veel werk. Gelukkig hebben bijna alle mensen die hier muziek maken meegeholpen, of wilden ze helpen. Met alleen de zes mensen van het stichtingsbestuur hadden we dit nooit gered. Het is echt een gezamenlijke inspanning geweest.

Wat zijn de afspraken die jullie met de gemeente hebben gemaakt?
Maarten: In principe is er een vastgoedbeheerder die het pand in beheer heeft. Wij huren het pand als stichting via die beheerder. Wij mogen hier nog iets meer dan vier jaar blijven. Dat is de termijn die is vastgesteld, omdat dit gebied in de toekomst herontwikkeld gaat worden. Verder hebben wij het pand zelf in beheer. We kunnen zelf bepalen wat er in het pand gebeurt en we mogen het pand in principe volledig gebruiken.
Maar vier jaar, is dat niet te kort?
Ja, dat is eigenlijk te kort. Daarom hebben we het in de gesprekken met de gemeente ook al vrij snel gehad over het zoeken naar een vervolglocatie, direct na die periode van vier jaar. Vier jaar is echt kort. Je ziet bijvoorbeeld in Utrecht De Basis (dB’s); die zijn ook jarenlang bezig geweest, zoiets moet groeien. Zij zitten nu in een nieuwe locatie, dat is allemaal heel mooi geregeld. Wij hopen ook zoiets voor elkaar te kunnen krijgen.
Beschouw je dit pand nu als een soort pilot?
Ja, iedereen repeteert hier natuurlijk wel op vaste basis, dus helemaal tijdelijk voelt het niet. Maar ik zie het wel als een pilot, met de hoop dat het daarna nog verder kan groeien.
Groeien in welke zin?
Niet zozeer groter qua formaat, maar meer in wat er gebeurt. Misschien dat we op termijn iets meer open kunnen zijn naar mensen van buitenaf. Wellicht dat we af en toe kleine concerten kunnen organiseren. Maar dat is echt toekomstmuziek. Voor nu is het al fantastisch dat we dit met z’n allen voor elkaar hebben gekregen. Alleen hoop ik wel dat er na die vier jaar een vervolg op komt.

Wat zijn op korte termijn de vervolgstappen?
We zijn in ieder geval heel blij dat we hier nu zitten. De volgende stap is dat we met z’n allen om tafel gaan: met de mensen van het pand bekijken wat we naast alleen repeteren nog meer kunnen doen. We willen bijvoorbeeld weer iets van optredens organiseren, misschien eerst intern, zoals een bandavond, zodat we ook van elkaar zien wat iedereen doet. Maar eerlijk gezegd hebben we daar nog niet echt de tijd voor gehad om dat goed samen uit te werken.
Prima, dan spreken we elkaar later weer.

