Vogelvlucht Rauwkost

Een festival in vogelvlucht van Rauwkost 2020 vrijdag

Van de moshpit bij new kid rapper Joost Klein tot de Balkan beat van in nepbont getooide Ooostblok mannen

Rauwkost vrijdag in vogelvlucht

Deze diashow vereist JavaScript.

Met zoveel diversiteit en interessante optredens is het soms vliegen van hot naar her voor deze Klankgat recensent. Zo sta je nog bij de veelbelovende rapper Joost te kijken in de grote zaal van Willem Twee Poppodium, een uitgebreide recensie is hier te lezen en het andere moment drink je een, speciaal voor de gelegenheid gebrouwen, Rauwkots biertje bij De Bossche Brouwers in Café De Vaart. Een prima Amber bier trouwens, dat uit fles, maar ook van de tap te krijgen is.

Rauwkost
Mercury in Retrograde

Hier speelt een hele jonge band, die misschien wel aan hun eerste betaalde optreden bezig is, Mercury In Retrograde. Je kunt zien dat ze een beetje gespannen zijn, maar de Southern rock die ze laten horen klinkt op zich prima, al is het wel veel in hetzelfde midtempo. Pas de laatste twee nummers hebben iets meer pit.

Deze diashow vereist JavaScript.

Er moet nog even omgebouwd worden voordat de volgende band hier begint, dus is er nog even tijd om een paar stukjes elders mee te pakken. Vuist bij de Skatehal bijvoorbeeld, een project dat is geïnitieerd in samenwerking met Dukebox, een Bosch platform voor de urban scene. Sluit een stel rappers en producers een weekend op, afgezonderd van de rest van de wereld en laat je creativiteit de vrije loop. Het resultaat is een album en een videoclip. Vandaag mogen ze dat live ten gehore brengen. In de korte tijd dat ik er ben, zie ik twee MC’s enorm hun best doen op de minimale beats van de producer achter de knoppen.

Rauwkost
Silent Disco – ©Super Formosa Photography

Nog even naar de Silent Disco bij Van Aken waar je bij de ingang een koptelefoon aangereikt krijgt. Als je die niet op zet, dan is het toch een vreemde gewaarwording, want dan zie je een groep jongeren bij elkaar die allemaal uit de maat lijken te dansen en het enige wat je hoort is het schuifelen van hun schoenen op het beton. Leuker is het derhalve dan ook als je dat ding wél op zet en naar gelang je stemming, je eigen dansmuziek uitkiest. Er is keuze uit drie kanalen die elk een andere kleur hebben, die dan weer te zien is op je koptelefoon. Op die manier kun je als je wilt dus tóch samen in de maat dansen.

Rauwkost
Dripping Trees

Bij De Bossche Brouwers is Dripping Trees bij aankomst inmiddels begonnen. De shoegaze sound van deze vier muzikanten wordt gecombineerd met fluisterzachte passages die afgewisseld worden met explosieve stukken die soms aan Nirvana doen denken. Naast zanger gitarist Koen neemt ook drummer Stijn veel zangpartijen voor zijn rekening met zijn donkere stem. De creatieve muziek zit vol met spannende breaks, soms freaky geluidjes en noisy feedback en in het laatste nummer een subtiele versnelling. Interessante muziek en boeiend tot de laatste noot.

Rauwkost
Hypochristmutreefuzz

Dan op naar de sensatie van het festival. De Belgische band met de bijna onuitspreekbare naam Hypochristmutreefuzz, die letterlijk ín de Skatehal staat de spelen, waar het aardig fris is. Ook van deze show is een uitgebreidere recensie te lezen.

Rauwkost 2020
Het Gezelschap

In het warmere deel van de Skatehal staat dan Het Gezelschap op het punt van beginnen, maar niet voordat we naar met zijn allen naar buiten worden gedirigeerd vanwege een brandalarm. Na niet al te lange tijd, mag iedereen de zaal weer in en bleek het dus loos alarm. Het gezelschap is wel een bijzonder en bont gezelschap. Er zijn twee MC’s/vocalisten, namelijk Diggy Rast, voorheen van de Dordtse hiphopformatie Brandwerk en Jordy Dijkshoorn die we kennen van De Likt. Deon van Ooijen met zijn snorretje en strikje achter de knoppen en Juno Rissema zit als een dichtende Bluesbrother op een barkruk aan de zijkant van het podium met een blik bier in zijn handen. Poëzie gecombineerd met hip hop. Verrassende combinatie, maar het werkt. Maar toch vooral door die uptempo beats en die twee rappers die lekker dansend hun teksten en energie de zaal in sturen, waar het publiek ook lekker los gaat.

Willem Twee poppodium – Rauwkost

 

Rauwkost
Foxlane

In de goed gevulde kleine zaal van Willem Twee Poppodium is het nu de beurt aan Foxlane uit Nijmegen. Afgelopen jaar waren ze de meest geboekte Popronde act en waren ook al eens bij DWDD te gast, dus dat schept wel verwachtingen. De indierock met een (post)punk sausje valt goed bij de aanwezigen. Lekkere uptempo en dansbare muziek, waar hardere stukken inclusief  geschreeuw van de zanger, afgewisseld worden met rustigere passages.

Rauwkost 2020
Foxlane

Er staan twee keyboards op het podium waarvan de gitarist er op één tussendoor voornamelijk akkoorden speelt en de frontman neemt de speelse en soms zelfs hypnotiserende riedeltjes voor zijn rekening op de andere. De band speelt lekker strak, maar de composities zijn wel veelal in hetzelfde tempo. Dan kun je kritisch zijn en zeggen dat de nummers dan op elkaar gaan lijken, maar op deze manier houden ze wel de energie vast. Zanger Guus is de meest beweeglijke van het stel en maakt goed gebruik van de beperkte ruimte op het podium. Het publiek geniet zichtbaar, al blijven wilde moshpits uit. Misschien zijn de bezoekers inmiddels een beetje moe.

Rauwkost
Ooostblok

Ook voor deze recensent was het een lange dag en is het tijd om naar huis te gaan. Maar hé, daar klinkt nog gezellige Balkan feestmuziek uit de grote zaal, dus ga ik toch maar eens even een kijkje nemen. Als ik me niet vergis zijn dat de mannen van Ooostblok die nog aan het spelen zijn. Dus dáár zijn al die dansende mensen heen. Er gebeurt van alles hier in de zaal, waar dit feestje blijkbaar aan de grande finale bezig is. Mensen met takken en halve planten op de dansvloer, dansende mannen op het podium met kleding die zo uit de Anatevka garderobe zou kunnen komen en zie ik daar een moeder met kind op het podium? Dat zal toch niet echt…? Hoe gezellig het hier nog is, nu is het echt tijd om te gaan. Morgen weer een dag.


Foto’s: Wies Luijtelaar, Monique Nuijten, Ronald Rijken, Casper Menting @shootsxmenting en Jaap Joris van Super Formosa Photography

Cocaïne Piss

Cocaïne Piss betekent glittershitstorm in je gezicht

Onontkoombare gekte én charme in rauwe verpakking

Cocaïne Piss, cokepiss? De halfpipe van het World Skate Center is voor vandaag ook toegankelijk voor mensen die niet skaten. Zij biedt namelijk een podium voor de Luikse wervelwind die Cocaine Piss heet. De nummers die maximaal anderhalve minuut duren, rammen ze erdoorheen.

Cocaïne Piss

Cocaïne Piss
Cocaïne Piss

Bij de eerste nummers blijft het publiek nog wat angstvallig achterin hangen, maar na wat geruststellende woorden van zangeres Aurélie wordt de afstand tusssen publiek en band kleiner. En gelukkig maar. Cocaïne Piss is niet het soort band dat óp een podium moet staan. Nee, liever ‘gelijkvloers’ met de bezoekers. Onwennig wordt er geluisterd én gekeken.

Cocaïne Piss
Cocaïne Piss avec Aurélie

De bas, drums en gitaar zetten een stevige basis neer van punk, terwijl ver daarboven de schelle stem van de zangeres schalt. Een stem die zowel weerstand oproept, als ook verwarring en bewondering. Het is van eenzelfde ongepolijste directheid, als waar ooit, in de jaren 80, de Engelse anarchopunks van Crass hun boodschap mee naar buiten brachten.

Deze diashow vereist JavaScript.

En van eenzelfde licht irritante a-muzikaliteit. Hoewel… als Steve Albini, van Big Black en Shellac-faam, je plaat wil producen is er wel wat meer aan de hand met Cocaïne Piss.

Cocaïne Piss
Cocaïne Piss Skatehal

De door Cocaïne Piss zelf uitgeroepen ‘glittershitstorm’ mist mijns inziens de glitter. Hier staat een punkband, zonder veel franje, met veel energie. Aurélie danst en dwarrelt door het publiek, ze duikt op de vloer, flirt wat met een man, en met veel plezier en uitstraling. Zij maakt punk weer fysiek. Cocaïne Piss speelt korte nummers, en na pak hem beet een half uur is de storm helaas weer gaan liggen.

Een band zoals Cocaïne Piss past helemaal bij de gedachte die Rauwkost wil uitdragen en koesteren. Rauw, shockerend en in het geval van deze Luikse punkband vulgair op een prettige manier. Dat kan, hè?


Foto’s: Wies Luijtelaar en Monique Nuijten

No Metal In This Battle

No Metal In This Battle speelt de sterren van hun hemel

Instrumentaal kwartet trotseert strak, stevig en dansbaar de kou

Petje af voor de heren van No Metal In This Battle. Zij hebben de reis vanuit Luxemburg gemaakt, om in de onverwarmde skatehal van het World Skate Center hun ding te doen.

No Metal In This Battle

No Metal In This Battle
No Metal In This Battle

De opstelling is verrassend : het vierkante platform waar anders skaters overheen vliegen, is omgeturnd tot een podium. Op elke hoek staat een speaker, en het publiek kan de band rondom bekijken. Theoretisch dan, want veel publiek is er nog niet. Ik gok dat ‘we’ met een man of vier zijn. De sporadische skater niet meegeteld, die af en toe vanaf zijn board de band een half oog en -oor gunt. Wellicht dat het tijdstip hier debet aan is.

Ongelijk

No Metal In This Battle
Skatehal – No Metal In This Battle

Maar zoals wel vaker, de thuisblijvers hebben ongelijk. Ondanks (of misschien genoopt door?) de kou speelt No Metal In This Battle. vol enthousiasme. Instrumentale nummers, die over het algemeen van begin tot eind blijven boeien. De opstelling van drums, bas, twee gitaren en keyboard biedt genoeg variatie.

Geen standaard

Deze diashow vereist JavaScript.

Ondanks het standaard rock-instrumentarium is de muziek van deze band allesbehalve standaard. Elk nummer heeft iets swingends, iets dansbaars in zich. De ritmes zijn complexer dan in standaard rock, de gitaar en bas geven een Afrikaans tintje en de keyboard geeft het geheel een dance-achtige sfeer. Aan het eind van het tweede nummer laat iedereen zijn instrument liggen en schaart zich om de drumkit. Het doet wat geforceerd aan, maar deze percussie-apotheose is raak en goed gevonden.

Deze diashow vereist JavaScript.

Duidelijk is te zien en te horen dat de mannen van No Metal In This Battle al langer samen spelen. Hoewel… zo af en toe gaat er een intro de mist in, maar in deze ongedwongen setting valt niemand daar over. De bandleden zelf al helemaal niet. Ze hebben het zichtbaar naar hun zin.

No Metal In This Battle
No Metal In This Battle – Skatehal

Hun set is ook precies lang genoeg. Tegen het eind ligt wat herhaling op de loer, terwijl de drummer ook niet helemaal maatvast meer is. Toch de schuld van de kou? Tijd dus voor een goede afsluiter. In dit laatste nummer wordt nog een keer goed uitgepakt. De gitarist mag nog lekker freaken met zijn effectenpedalen, terwijl de set wordt afgesloten in een Underworld-achtige dansbaarheid.


Foto’s: Monique Nuijten en Wies Luijtelaar

Joost

Rappere Joost trekt veel jongeren naar Rauwkost 2020

Tieners in de moshpit zingen teksten van Joost mee in Willem Twee Poppodium

De nieuwe hiphop sensatie Joost stond vorige week nog op Eurosonic Noorderslag in Groningen waar hij veel lof oogstte. Deze jonge rapper valt op door zijn originele teksten en de lekkere zware beats die hem begeleiden.

Moshen bij Joost

Deze diashow vereist JavaScript.

Dat Joost bij de jeugd geen onbekende is moge duidelijk zijn. Vanaf het begin is de Grote Zaal van Willem Twee Poppodium gevuld met grotendeels tieners die zijn teksten ogenschijnlijk woord voor woord mee schreeuwen.
Moshpits, je verwacht ze bij punk-en metalconcerten, maar door festivals zoals Woo Hah is het helemaal niet gek dat er bij hip hop concerten ook gemosht wordt. En dus ook hier weet Joost in dit geval deze jonge menigte in beweging te krijgen. Rauwkost is bedoeld voor jongeren dus is het goed om te zien er hier ook veel jeugd aanwezig is.

Inspiratie

Joost
Hoodie

Joost die de kapuchon van zijn hoodie ver over zijn hoofd heeft getrokken, heeft het in zijn nummers onder andere over “de blanke Paul de Leeuw” , “Tim Hofman” en “Hans Teeuwen”, maar ook over “Goede Tijden” en “Onderweg Naar Morgen“. Waar zou hij toch zijn inspiratie vandaan halen?

Joost
The Real Joost

Even later heeft Joost het waarschijnlijk warm gekregen en gaat zijn hoodie uit. Hij vraagt of de lichten even uit mogen en ook of er even niet gefilmd kan worden. Aan beide wensen wordt gehoor gegeven. Dat een deel van de zang van een bandje komt is niet echt storend, want er blijft genoeg tekst over voor Joost. Zo zingt hij ook nog over Zaanse Mayo en dat is natuurlijk sowieso vet!

Joost
Joost halfbloot

Even later vraagt ie nog een keer of de lampen even uit kunnen en dat is ook het moment dat ie ook nog zijn shirt uit trekt en met ontbloot bovenlijf de rest van de show vervolgt. Het tempo wordt ook een tandje opgeschroefd met een kleine rip off van Axel F van Harold Faltermeijer die uitmondt in energieke neo happy hardcore. Nummers als Kogels en Buurman laten mensen die veel te jong zijn om de jaren negentig meegemaakt te hebben zelfs hakkuh.

Joost
Winner takes it all

Joost heeft het goed naar de zin en blijft zelfs tijdens de finale nog even staan, waar hij naar eigen zeggen anders al van het podium zou lopen. Een remix van The Winner Takes It All van Abba wordt ingestart en dan verdwijnt Joost van het podium. Dat is ook het moment dat de zaal langzaam leegloopt, op naar een volgend optreden.


Foto’s: Monique Nuijten en Wies Luijtelaar

Ottla

Meesterlijk Ottla bij Verkadefabriek Rauwkost 2020

De grenzen van de jazz opgezocht met invloeden van Sun Ra en Al DiMeola

Ottla is een project van de Belgische gitarist Bert Dockx. De band is vernoemd naar een geliefd zusje van de schrijver Franz Kafka, Ottilie, zij kwam in 1943 in Auschwitz aan haar voortijdige einde.

Ottla
Bert Dockx – Ottla

Samen met twee drummers, electronica, twee saxen en een contrabas zoekt hij grenzen van de jazz op. Hierin zijn duidelijke invloeden van Sun Ra te horen, maar bij tijd en wijle ook vlaagjes Al DiMeola, Chick Corea en Return to Forever.

Ottla meesterschap

Voor een publiek van rond de dertig man zet de contrabas meteen de stemming met een stevige baslijn op een ietwat scherp klinkende toonkleur. De twee drums die polyritmisch tegen elkaar ingaan zijn strak en voeren je meteen mee in een stevige ritmische complexiteit.

Deze diashow vereist JavaScript.

Met de gitaarinzet die je melodisch een verhaal lijkt te vertellen, begeleid door de saxen ontstaat er een steeds woester geheel, totdat in de gitaar door de vele geluidseffecten geen echte melodie meer te horen is. Een wilde geluidsmuur stuwt de band minutenlang voort. totdat het geheel elkaar weer terugvindt in de eerdere harmonieën. Meeslepend was het. En alle spelers lieten een fiks stuk muzikaal en instrument technisch meesterschap zien.

Muur van geluid

Ottla
Muur van geluid – Rauwkost

Het volgende stuk (na een stevig applaus) heeft een zwaardere electronica component die hoge ijle klanken produceert terwijl de drums met zachte stokken een muur van geluid in het laag produceert. Een zachte gitaarklank wordt door de saxen overgenomen, die vervolgens allerlei vogelgeroepachtige geluiden produceert. Dit allemaal bovenop een synth drone die de nodige achtergrond geeft.

Ottla
Ottla in de Verkadefabriek

Zo komt nog een aantal stukken de revue gepasseerd, veel klankeffecten, afwisseling tussen harmonie (met soms hoogst originele akkoorden) en schijnbare chaos, die heel knap weer oplost naar een eerder gespeelde thematiek. Dit alles met een indrukwekkende meesterschap van de Ottla bandledengebracht.

Twee stukken waren geen eigen werk, maar een vertolking van Thelonius Monk, en Sun Ra. Voor de liefhebbers van de wat meer experimentele jazz een geweldige show.


Fotografie: Wies Luijtelaar en Monique Nuijten

Carter Sampson

Carter Sampson is de ongekroonde Queen of Oklahoma

Rondtrekken in een camper werkt inspirerend voor schrijven goede nummers

“Wat is ze goed” hoor ik van diverse kanten tijdens de pauze. En dat is niets teveel gezegd want Carter Sampson is vanavond op haar best. Dat blijkt al tijdens de soundcheck. Ze is voor de derde keer bij ons maar nooit eerder met haar vaste bandleden Jason Scott en Kyle Reid, die haar naadloos begeleiden. De clubzaal is met ruim 70 personen redelijk gevuld. Op ons verzoek laat ze haar gebruikelijke hoed achterwege en houdt ze haar rode bril op. Ze heeft er heel veel zegt ze, maar wij willen deze.

Carter Sampson

Carter Sampson
Carter Sampson

Met Wild Ride openen ze de eerste set. Een nieuw bandlid wordt geïntroduceerd, de elektronische drummer. Voordeel; hij ruikt beter en wordt niet dronken aldus Carter. Hierna wordt ingezet met Lucky. Ze refereert aan haar samenwerking met Zac Copeland, die resulteerde in een ‘sweet love song’ Hello Darlin’. Ze vertelt tussendoor over haar leven, haar vertrek van Oklahoma naar Arkansas, waar ze een achteraf tegenvallende bassist achterna reist en waarvan ze ‘homesick’ terugkeert. Dat is dan weer goed is voor een dijk van een song én een bijnaam, Queen Of Oklahoma. Zo zie je maar weer dat afzien vaak leidt tot een gunstig resultaat.

Lucky

Carter Sampson
Jason Scott

Peaches is een co-productie met Jason Scott. Trouwens het hele Lucky album is door beiden geproduceerd. Tijdens Anything Else To Do vertoont Reid een knap staaltje van zowel gitaar als pedal steel tegelijk. Tijdens dit nummer ook een indrukwekkend intermezzo met drie gitaren. Als laatste voor de pauze vertelt Sampson het legendarische verhaal van het bij elkaar inwonende trio Townes van Zandt, Guy Clark en zijn vrouw Susanna Clark, waarbij Guy het geflirt van zijn vrouw met de vaak beschonken Van Zandt zó zat is dat hij zich in zijn kamer opsluit en de deur dichtspijkert. Ten Penny Nail gaat daarover (“Got a ten dollar bottle to shut you out – Ten penny nail to shut me in”).

Tweede set

Carter Sampson
Kyle Reid

De tweede set begint met Tulsa, gevolgd door twee nummers van beide begeleiders. Eerst een nummer van Reid’s eigen band Kyle Reid and The Low Swingin’ Chariots. Daarna het vlotte When I’m Good And Ready van Jason Scott die overigens uitblinkt op gitaar en mandoline. Het vaak gecoverde Iko Iko gaat over de strijd tussen twee verschillende ‘New Orleans Indians’ tijdens de Mardi Gras parade. Stemmig ingeleid door Reid.

Carter Sampson
Carter Sampson trio

Voor Wilder Side, van het gelijknamig album bespeelt Scott de vleugel, die hij voor aanvang heeft zien staan en die zeker het podium op moet.

Sampson’s camper, waarmee zij 5 jaar lang rondtrok, komt ook ter sprake. De ‘Texas love song’ Highway Rider gaat over herinneringen aan leuke jongens, ontelbare overnachtingen op parkeerplaatsen en het schrijven van goede songs (omdat het nu eenmaal te koud was om iets anders te doen).

Carter Sampson houdt van het werk van Shel Silverstein. Jason Scott haalde haar over om het nogal pikante en o.a. door Dr. Hook en Emmylou Harris gecoverde nummer Queen Of The Silver Dollar, op te nemen. Die zelfde Silverstein schreef een favoriet kindervers van Sampson… Crowded Tub. “There are too many kids in this tub” zingt het publiek geamuseerd mee.

Carter Sampson
Carter Sampson trio in Blue Room sessions

Since I fell for You is te vinden op de TRIO EP (Continental Road Services). En ook Rattlesnake Kate mag dit keer niet ontbreken. Het waargebeurde epos over de moedige Katherine McHale Slaughterback uit Colorado, die tijdens een rit te paard 140 ratelslangen doodde en ook nog eens ongeschonden uit de strijd kwam. Ze was een duurzaam type want van de slangenhuiden maakte ze halskettingen, jurken, dansschoenen etc.

Als toegift het uitstekend vertolkte Moon River uit de film Breakfast at Tiffany’s (1961) destijds gezongen door Audrey Hepburn. Het applaus klinkt nog lang door voor drie artiesten waar het speelplezier van af spatte. Ook na afloop.


Setlist: Wild Ride (Lucky) Lucky, Hello Darling (Lucky) Gold, Queen Of Oklahoma (Mockinbird Sing), Anything Else To Do (Lucky) Peaches (Lucky),Ten Penny Nail (Lucky). Tweede set: Tulsa(Lucky), When I’m Good And Ready Jason Scott), Wilder Side (gelijknamig album uit 2016), Highway Rider (Wilder Side en Thirty Three), Queen of Silver Dollar (Lucky), Since I Fell For You (TRIO EP), Rattlesnake Kate (Lucky), Moon River Johnny Mercer / Henry Mancini)

Carter Sampson – vocals, tenor guitar, acoustic guitar,
Jason Scott – vocals, drums, acoustic guitar, mandolin, backing vocals
Kyle Reid – keys, electric guitar, pedal steel

Fotografie: Monique Nuijten en Wies Luijtelaar

Hannah Aldridge

Gevarieerde avond Hannah Aldridge Blue Room Sessions

Met murder- en countrysongs bezweert Aldridge haar demonen

Hannah Aldridge, dochter van country legende Walt Aldridge, schuwt het ruigere werk niet en houdt haar roots toch in ere. Dat doet deze country zangeres in een gevarieerde en memorable avond in de Clubzaal van de Verkadefabriek bij Blue Room Sessions.

Hannah Aldridge

Hannah Aldridge
Hannah Aldridge

Hannah Aldridge is een begenadigd zangeres en gitariste. Eigenlijk houdt ze van murdersongs en bands van het ruigere gitaarwerk zoals Smashin’ Pumpkins, Nine Inch Nails en Chris Cornell’s Audioslave (van wie ze vanavond overigens ook een nummer zingt). Maar als dochter van gerenommeerd Muscle Shoals en Nashville producer Walt Aldridge, luisterde zij ook naar country songs.

Net als tijdens Roots in Heusden in 2018 wordt ze begeleid door Gustav Sjödin (Jetbone). Hannah Aldridge en Sjödin zijn goed op elkaar ingespeeld. Ondanks dat ze elkaar al een tijd niet zagen is een korte repetitie in de kleedkamer voldoende om de draad weer op te pakken.

Hannah Aldridge
Aldridge met Gustav Sjödin

Gevarieerde avond
Deze gevarieerde avond zit vol prachtige songs, soms rustig dan weer vlot en vol overgave gebracht. Haar album Razor Wire uit 2014 is grotendeels het gevolg van haar turbulente echtscheiding. Living on Lonely schreef ze met co-writer Andrew Combs. Ook een nummer van vader Walt Aldridge (+ James LeBlanc) Yankee Bank, mag vanavond niet ontbreken.

Dan volgt een fantastisch vertolkte cover Like A Stone van haar al eerder genoemde late great hero Chris Cornell. Gustav Sjödin brengt vervolgens een eigen Jetbone nummer Everybody Needs Somebody To Love. Voor de podcast-liefhebbers onder ons noemt Hannah Aldridge de populairste van dit moment; S(hit)-Town. De song, aangekondigd als The Poll, is hierop gebaseerd. Grote dorst van Gus leidt ertoe dat dit het einde is van de eerste set.

Hannah Aldridge
Gustav Sjödin

Tweede set
De tweede set start Hannah solo. Black and White is opgedragen aan en geïnspireerd door haar 11 jarig zoontje Jackson. Burn To Be Broken begint rustig maar eindigt een stuk ruiger en klinkt als een echte country song met een onvervalst Alabama accent. Aldridge vertelt geanimeerd over haar late start op een muziekschool en haar drang zo snel mogelijk gitaar te kunnen spelen. Ze ontmoet daar succesvolle mensen zoals The Secret Sisters en een slordig geklede jongen op flip flops met lang rood haar, waarvan ze zeker geen hoge pet op had. Zijn naam? Chris Stapleton. Zo zie je maar dat je niet altijd op je eerste indruk kunt afgaan.

Hannah Aldridge
Hannah Aldridge in Blue Room Sessions

In die tijd schreef ze een song Lonesome, een hartverscheurende ballad over verdeling, niet van spullen maar van herinneringen…. “You take the pictures from Morocco, I’ll take that postcard from L.A”. Deze song kwam terecht in een filmserie Hart of Dixie “en daar begon het mee” aldus Hannah Aldridge.

Met de vorig jaar overleden Randall Clay schreef zij Lie Like You Love Me, indrukwekkend en meteen raak met de zin “I miss you like morphine straight to my veins,”

Howlin’ Bones liegt er niet om net als Parchman, over een vrouw die haar gewelddadige man vermoordt en onterecht eindigt in ‘death row’. “Feel that needle burn when they send me home.” De snik in Hannah’s stem is echt…

Hannah Aldridge
Hannah Aldridge met gelegenheidskoor

Het voorlaatste nummer is Burning Down Birmingham. Een aantal mensen uit het publiek, inclusief staff, wordt tot achtergrondkoor gebombardeerd. Aldridge noemt Birmingham Alabama spottend haar favoriete stad want er gebeurt namelijk altijd wat. Ruzies, dronkaards, kotsend over straat, kapot gestoken autobanden…”There’s an old flame burning down Birmingham tonight”.

Met de toegift Don’t Be Afraid, dat begint als een slaapliedje, maar overgaat in een snel gitaarduel, lijkt Hannah Aldridge voorgoed haar demonen te hebben bezworen. Een geweldig einde van een grootse avond.


Foto’s: Wies Luijtelaar

Amanda Anne Platt & The Honeycutters echte countryband

Songs vanuit het hart van de Amerikaanse Midlands

Amanda Anne Platt & The Honeycutters traden op 25 september in de Clubzaal van de Verkadefabriek in het kader van de Blue Room Sessions. Het werd een onvervalste country avond: een zangeres met een heldere stem omringd door vakmuzikanten en songs die je raken.

Amanda Anne Platt & The Honeycutters

Amanda Anne Platt
Amanda Anne Platt & The Honeycutters

De band begint strak met drie uptempo country nummers met een heldere Amanda Platt en een straf ondersteunende Honeycutters. Want dat is wat de band speelt; het is een echte country-band met hier en daar een rauw randje tegen de country-rock aan. Of is het Americana in de beste zin van het woord?  Amanda heeft een mooie heldere stem en begeleidt zichzelf op gitaar. Ze schrijft haar eigen nummers en is het middelpunt van de band. Maar de echte gitarist is Matt Smith die haar voortreffelijk ondersteunt met pedalsteel en gitaar, in dit geval een heuse Stratocaster.

Amanda Anne Platt kan nummers zowel vanuit haar eigen perspectief schrijven als vanuit de ogen van een ander. Een goed bijvoorbeeld is dat van een vrouw die al 42 jaar getrouwd is met dezelfde man, die stervende is, en zij dat prachtig neerzet in Learning How To Love Him. Of – ook zo tragisch – over een vrouw die na verlies van man en baan, met haar kinderen terugkeert naar het stukje land van de familie in Indiana (Eden) en daar haar leven probeert op te pakken.

Deze diashow vereist JavaScript.

In het vierde nummer neemt Amanda Anne Platt wat gas terug met het prachtige nummer When Bitter Met Sweet, en met Eden vertelt ze over een alleenstaande moeder die probeert haar brood te verdienen voor haar familie in het hart van Indiana, waar de boerderijen op hol zijn geslagen en zij zich voortbeweegt op een manier die herinnert aan het beste van Mary Chapin Carpenter terwijl ze zingt ‘Alsjeblieft, laat me terug naar binnen de tuin. Ik zal niets eten dat van die verdomde boom is gevallen’. Dat is één van de leitmotieven van Amanda Anne Platt en haar band.
Veel songs gaan over de Amerikaanse Midlands waar zij en haar band veel door heen reizen, maar ook zingt Platt over de gevoelens van het hart, namelijk geliefden, rouw, ouder worden, seizoenen, weggaan en zowat de meeste andere emoties die we allemaal op een bepaald moment delen.

Tweede set

Amanda Anne Platt & The Honeycutters echte countryband
Amanda Anne Platt

De tweede set begon met een tweetal solo gezongen songs waaronder Holy One en Angoline. Deze nam Amanda Anne Platt solo live op bij vrienden omdat ze het geld voor een opnamestudio niet bezat en de vrienden moesten hard klappen op het eind zodat het leek of ze een live album aan het maken waren. Daarna nam ze ons mee naar haar favoriete seizoen, de herfst, met Summerchild die overgaat in de slow wals Telefonwires.
Daarna volgde het titelnummer van haar derde album en nog enkele nummers waar de melancholie vanaf druipt en geeft ze als slot en heel mooi, driestemmig nummer begeleid door haar bassist op gitaar.

Amanda Anne Platt & The Honeycutters echte countryband
Amanda geflankeerd door Kevin Williams en Rick Cooper

Als ultieme toegift zingt Amanda Anne Platt het legendarische Halleluia van Leonard Cohen van een heel goed gespeeld concert met een hechte basis en een vooral een niet al te veel opvallende Kevin Williams als pianist maar die toch alle gaatjes heel mooi invulde. Terugblikkend was het een heel goed concert en dat voor een goed gevulde maar zeker niet uitverkochte zaal. Wat jammer is, want Amanda Anne Platt & The Honeycutters verdienen dat zeker en de wegblijvers hebben hier zeker een goed optreden aan gemist.
Eind september vliegen Amanda Anne Platt en band terug naar de USA om daar aan een toernee te beginnen zoals in The Grey Eagle in Ashville in de staat North Carolina.

De band bestaat uit Amanda Anne Platt die zichzelf begeleidt op gitaar
Kevin Williams op piano/keys
Matt Smith op pedalsteel en stratocaster
Rick Cooper op bass
Evans Martin op drums


Fotografie: Wies Luijtelaar en Monique Nuijten