Het is vrijdag 15 april om 18.00 uur al gezellig druk, als het Belgische SONS hun opwachting maakt in de Jack Daniels tent, waar doorgaans het wat stevigere gitaarwerk geprogrammeerd staat.
Paaspop 2022 is begonnen na twee jaar afwezigheid. Het Nederlandse festivalseizoen is geopend.
SONS
SONS – Jack Daniel stage
SONS is zeker niet het zoveelste Belgische bandje, maar weet zich knap te onderscheiden met een eigen geluid. Natuurlijk kunnen ze stevig rocken, maar het is niet zomaar “Van dik hout zaagt men planken”. Ze weten veel nummers lekker uit te bouwen met instrumentale passages, waarmee ze het publiek in vervoering weten te brengen.
SONS – Paaspop 2022
Je ziet de band zichtbaar genieten en vooral de interactie tussen gitarist en bassist, die zijn basgitaar tot hoog onder zijn oksels heeft opgetrokken, is prachtig om te zien. Ze vinden elkaar blijkbaar meer dan aardig, want in het laatste nummer van de set geven ze elkaar een kus op de mond. Al hoort het ook een beetje bij de show, want dat deden ze twee weken geleden in de Effenaar ook, maar geen haan die daar naar kraait.
SONS
Als tweede nummer in de set spelen ze de radiohit Waiting On My Own en de eerste moshpit is een feit. Ook brachten de Belgen veel nieuw werk ten gehore van het album Family Dinner, waaronder hun laatste single Succeed, die eveneens goed in de smaak viel bij het publiek. Naast de lange uitgesponnen stukken, viel ook op dat veel nummers een vrij abrupt einde hadden, waar het eigenlijk nog wat langer door had mogen gaan.
Al met al een puik optreden, waar de mannen laten zien, dat ze klaar zijn voor een groter publiek. Dus ga die band zien als je de kans krijgt.
Het is een hele rit geweest voor SONS sinds ze in 2018 de wedstrijd Nieuwe Lichting van de Belgische radiozender Studio Brussel wonnen. Datzelfde jaar openden ze het hoofdpodium van Rock Werchter, misschien wel een van Europa’s meest gerenommeerde festivals. Psychedelische garagepunk, noemden sommigen het. Whatever.
Bijna exact twee jaar geleden – op 9 april – overleed Bert van de Kamp. Vrijdag 8 april 2022 kan dan eindelijk na alle annuleringen de herdenkingsavond van deze Grootmeester van de Popjournalistiek gehouden worden. In de Grote Zaal van Willem Twee poppodium staat een scherm met daarop geprojecteerd de iconische foto van Bert waar hij de mensheid doordringend en enigszins achterdochtig monstert vanachter zijn zonnebril.
Bert van de Kamp tribute
Bert van de Kamp
Van 1973 tot 2002 werkte Bert als redacteur voor Muziekkrant OOR met een kort uitstapje als correspondent in Londen van 1977-1980 voor Muziekkrant OOR en het radio- en televisieblad Studio van de KRO. Na terugkeer uit Londen verhuisden Bert en zijn vrouw Invy naar Den Bosch.
De zaal stroomt snel vol en in meerderheid zijn het leeftijdgenoten van Bert, de rockgeneratie die de jaren ’60, ’70 en ’80 vormgaf. Die de muzikale lijnen en genres neerzette, van commentaar voorzien door pioniers zoals Bert van de Kamp.
De avond wordt geopend door Maarten van Hooft, één van de oprichters van de Enige Echte Bossche Popquiz. Bert was jarenlang jurylid van die popquiz.
Maarten leest voor uit het boek ABCDylan door Bert geschreven die zoals algemeen bekend een groot fan was van Dylan. “Er zal deze avond niet alleen gepraat worden,” zegt Van Hooft. Muziek en de makers vormen ten slotte de hoofdzaak waarmee Bert zich bezig hield.
En wie anders dan Jacques Mees, dé vertolker van Bob Dylan in De Lage Landen, kan als beste deze tribute avond openen. Dat doet hij met verve en zijn uitvoering van It’s All Over Now, Baby Blue is magistraal.
Maarten van Hooft ABC Dylan
Jacques Mees
Meteen na Jacques’ optreden komen Niels Duffhues op gitaar en zanger Martien van Bergen – artiestennaam Blimey – op het podium. Martien speelt drie nummers waaronder To The Moon en een nummer van zijn derde album. Hij zingt dat nummer niet, maar declameert de tekst. Het is een eerbetoon aan Bert die heel veel aandacht schonk aan de teksten van popsongs.
Martien van Bergen aka Blimey
Na dit nummer verlaat Blimey het podium en speelt Niels Duffhues nog drie nummers met onder meer een track van zijn laatste album, Murder Call.
Niels: “Zo’n 25 jaar geleden toen ik als programmeur bij W2 werkte, leerde ik Bert kennen waar hij in het bestuur zat. Hij nodigde míj bij hem thuis uit. Ik maakte toen al muziek, schreef songs, trad solo op. Sinds die ontmoeting werden we vrienden. We hadden het altijd over muziek, literatuur, het leven.”
Niels Duffhues
De tweedehandse bandrecorder
Gastheer/speaker Twan van den Brand – voormalig Nieuwscafé presentator – nodigt de jongste zus van Bert, Jeanne van de Kamp en Frans Clabbers uit om plaats te nemen op het podium. Bert was de oudste uit een gezin van zeven kinderen en kreeg vaak meer aandacht en zorg van zijn ouders, zo vertelt Jeanne. Hij liep TBC op en werd daar in een sanatorium voor behandeld.
Twan van den Brand
Frans Clabbers en Jeanne van de Kamp
Na die behandeling kreeg Bert een tweedehandse bandrecorder cadeau van zijn vader. Bert kon aan de slag en nam muziek op die tegenwoordig progrock wordt genoemd. Hij zette een verzoekplaatjes programma op dat hij op zijn zusjes uittestte. Dat programma noemde hij Nachtvlinders. Zijn zusjes konden echter alleen kiezen uit bands en nummers die hij zelf leuk vond.
Eind jaren ’60 ging Bert Nederlands studeren in Amsterdam en daar maakte hij kennis met Frans Clabbers. Frans en Bert woonden in hetzelfde studentenhuis. Een concert van Roxy Music bracht hem en Bert dichter bij elkaar wat uitmondde in een vriendschap voor het leven.
Frans ging mee naar de concerten die Bert wilde verslaan zoals het eerste concert van Queen in Nederland. Gitarist Brian May wilde toen het jasje van Bert kopen vanwege al die sterretjes op dat jasje.
Robert-Jan Gruijthuijzen
Zanger/gitarist Robert-Jan Gruijthuijzen voegt zich als derde spreker aan de tafel en vertelt hoe hij Bert tijdens een popquiz leerde kennen. Hij beschouwde Bert en zijn vrouw Invy als plaatsvervangende ouders. Robert-Jan speelt twee nummers. Het eerste nummer schreef hij twee dagen geleden vóór deze herdenkingsavond. Het tweede nummer heet For The One I Lost.
Na de pauze zitten Jan-Maarten de Winter, Maarten van Hooft en Frans Bevers gebroederlijk naast elkaar en vertellen ze ieder hun verhaal. De Winter was hoofdredacteur bij muziekkrant OOR en vertelt hoe Bert zo gefocust was op teksten, terwijl hijzelf meer de nadruk legde op de muziek. Bert leverde altijd perfecte kopij aan, gedegen research en voortreffelijke tekstbeheersing. Bert kreeg de hardrock portefeuille met bands zoals Uriah Heep maar wilde daar zo snel mogelijk vanaf.
Vlnr: Jan-Maarten de Winter, Maarten van Hooft en Frans Bevers
Ruimtelijk ontwerper Frans Bevers ontmoette Bert bij een concert van Townes Van Zandt. Frans vertelt over een reis die hij samen met Bert maakte naar Graceland. Ze gingen ook naar Graceland Too. Graceland Too was een Elvis museum en werd gerund door een zekere Paul Macleod. Van elke bezoeker maakt Macleod een polaroidfoto en hing die op aan de muur. Zo ontstond een immense collectie.
Maarten van Hooft kreeg verkering met een nichtje van Bert en Bert werd ome Bert. Maarten zette De Enige Echte Bossche Popquiz (ook wel het onofficiële NK Popquizzen genaamd) op en Bert deed mee. Alleen Bert wist het beter en daarom vroeg Maarten of hij niet beter jurylid kon worden. De quizvergaderingen werden bij Bert thuis gehouden en veel popverhalen werden op die avonden verteld.
Lone De band Lone met Alquin-zanger Michel van Dijk sluit deze herdenkingsavond af met favoriete nummers van Bert zoals Sweet Jane van Lou Reed/Velvet Underground en Bob Dylan’s Rollin’ & Tumblin’.
Singer-songwriter psychotherapeut en rasverteller Philip Kroonenberg (zang, gitaar, ukelele en mondharmonica) staat vanavond op ons podium samen met Aad van Pijlen, die op een hele bijzondere basgitaar, een Fender Telecaster uit 1967, speelt. Omdat het instrument soms kuren vertoont heeft hij een reserve Fender Precisionbass meegenomen, die hij overigens niet hoeft te gebruiken. Aan de rechterzijde, de trots van Den Bosch, de onvolprezen veelzijdige strak- en als het nodig is ook zeer ingetogen drummer Sjoerd van Bommel, die ook nog kan zingen.
Philip Kroonenberg
Vlnr: Philip Kroonenberg, Aad van Pijlen en Sjoerd van Bommel
Philip Kroonenberg en de zijnen starten met Natural Causes van het album Grounded uit 1998. Bij Bed Of Roses wordt gerefereerd aan de Freelance band waar de drie elkaar destijds voor het eerst ontmoetten en wat door Kroonenberg wordt beschreven als ‘liefde op het eerste gezicht”. Jazz’n My Legs doet qua intro denken aan Johnny Guitar Watson, waarbij Kroonenberg naast gitaar ook een mooie partij op de mondharmonica speelt.
Streets is een van de dertien nummers van het album Some More Time die zijn ontstaan in de periode dat Philip’s vrouw, journaliste Jellie Brouwer, ernstig ziek was en hij uren in angst doorbracht in de onpersoonlijke wachtkamer van het ziekenhuis. Gelukkig gaat het inmiddels weer goed met haar. Het Caribisch klinkende Some More Time van het gelijknamige album geeft de opluchting weer na een urenlang durende maar succesvolle operatie.
Dan een “liedje van Aad”, Still Up In The Morning van de Freelance Band. Een song over lente, kwinkelerende vogels, waarbij Sjoerd van Bommel naast opvallend drumspel ook nog de rol van de vogel op zich neemt en er vrolijk op los fluit. In de laatste song voor de pauze het vlotte Time and Again, voorafgegaan met wat gepraat over de vrouwen van hun dromen en hoe lang ze al bij elkaar zijn (Aad wint met 43 jaar).
Philip Kroonenberg
Aad van Pijlen
Sjoerd van Bommel
Een van de nummers wordt voorafgegaan door een anekdote over ene Judith, een niet al te gemakkelijke vrouw waarbij Philip Kroonenberg geen kans maakte en de titel van de song omdoopte tot Louisiana. Tijdens het Latin klinkend Candy Man speelt Kroonenberg op de ukelele. Wat later volgt is een ‘battle’ met enerzijds Kroonenberg die lustig op de achter-en voorzijde van het instrument trommelt en Van Bommel die reageert met zijn energieke drumspel. Aad staat er intussen ontspannen bij en laat de heren hun gang gaan. Het publiek reageert enthousiast met luid applaus.
Lange toegift
a een toch al lang optreden weet het trio niet van ophouden met een viertal nummers als toegift. Na de laatste keiharde klanken van Party Zone krijgen de heren een staande ovatie, maar dan zijn ze het podium al afgesprongen.
Prachtig gespeeld, gezongen, gebasst en gedrumd!
Setlist Philip Kroonenberg: Natural Causes, Bed Of Roses, Jazz In My Legs, Streets, More hard Times, Lonesome Poetry, Still Up In The Morning, Spirot and The Gut, Dressed To Kill, Time And Again,Tweede set: Some More Time, Gotta Move, Louisiana, Give It To You, Chosen, Travelling Of Making Overtime, War, Candy Man, Yellow Light, Shake well. Toegift: , Midnight Express, When People Die, You And Him And A Dog Named Me, Party Zone
Niels Duffhues heeft het schrijven van liedjes weer opgepakt met als resultaat Murder Call. Goed nieuws voor de fans. Murder Call is het negende album van filmmaker, musicus en auteur Duffhues. Tijdens de live presentatie in de Toonzaal zagen we een goedgemutste Niels dit in schrille tegenstelling wat hij zijn publiek liet zien en horen.
Murder Call live
Niels Duffhues
Het album bestaat uit tien duister verhalende songs met titels als Buried Alive, The Evil Kind en natuurlijk de titelsong Murder Call. Op een groot scherm staat de draaischijf van een ouderwets (bakelieten) telefoontoestel met in het midden het woord MURDER geprojecteerd. Het licht dimt en op het scherm verschijnt een tekst dat Niels over een kwartier zal gaan optreden. Eerst worden vijf video’s vertoond. Niels is ten slotte ook filmmaker.
Mieren
De eerste video gaat over de tegenstellingen in een samenleving: rijk versus arm, jeugd en ouderdom, zwak tegenover sterk en hoe een ziekte rondwaart die die tegenstellingen verscherpt. De tweede video heet Jagers van Doggerland. Dat was het drooggevallen land dat Noordwest-Europa met Engeland verbond, het ‘Atlantis van de Noordzee en waar in de laatste IJstijd op de grote mammoet werd gejaagd. Daarna volgen nog Waar er wordt gefluisterd, Het kostuum, personage, lichaam en geest en Mieren. In vijfde deze video vertelt de voice over dat hij zich heeft verkleind tot een mier en zo een mierennest vanuit binnen kan waarnemen, wat een totaal ander en onbekend universum oplevert. Allemaal boeiende verhalen, gedichten, rap. De hese en donkere stem van Duffhues past er perfect bij.
Niels Duffhues – verhalenbundel
Als de laatste video is geëindigd verschijnt Niels Duffhues met een elektrische gitaar in de hand en houdt hij eerst een voorwoord. Daarin vertelt hij over de totstandkoming van Murder Call, dat hij het schrijven van songs weer heeft opgepakt en dat er ook een optreden in Willem Twee poppodium in de planning staat. Daarnaast presenteert hij zijn eerste verhalenbundel De Kil. De bundel bevat korte Nederlandstalige verhalen en andere teksten.
Murder Call
Niels opent met het nummer Buried Alive, over een moordenaar die zijn slachtoffers levend begraaft. De show heeft twee gezichten. Macaber en duister als Niels speelt en lichtvoetig, ja zelfs grappig als hij tussen de songs door een babbeltje maakt met het publiek, inside jokes maakt. Doet hij dat bewust? Zou zomaar kunnen om de tegenstelling met zijn Murder Call tracks te vergroten.
De snellere nummers maken indruk, bevestigd door een luider applaus. Hoe zou het zijn als Niels zich zou hebben begeleid met drums en bas? Het antwoord is dat Niels dat heeft gedaan maar het niet meer wil.
Al met al is deze one-man show indrukwekkend mede door de entourage van de Toonzaal, de belichting en de goede geluidstechniek.
8 april is Niels Duffhues ook te zien bij de tribute aan Bert van de Kamp, de éminence grise van de Nederlandse popjournalistiek, in Willem Twee poppodium. Blimey! (Martien van Bergen) en Duffhues zullen gezamenlijk voor een optreden zorgen en enkele van Berts persoonlijke favorieten spelen.
Stéphanie Struijk stond vroeger bekend als Stevie Ann, maar zij timmert nu alweer een paar jaar aan de weg met haar Nederlandstalig repertoire. Zij schrijft persoonlijke verhaaltjes in liedjes. Met haar nieuwe album Fijn zo slaat ze weer een nieuw hoofdstuk open in het Nederlands.
Stéphanie Struijk
Stéphanie Struijk – Blue Room Sessions
Soms zijn een langdurig verblijf in en een paar roadtrips door de USA nodig om tot het besef te komen dat Nederlandstalig componeren en zingen toch net iets meer je ding is dan dat in het Engels te doen. Stéphanie Struijk, vroeger tijdens haar Engelstalige carrière hier bekend als Stevie Ann, timmert nu alweer een paar jaar met succes aan de weg met haar Nederlandstalig repertoire. Daniël Lohues leverde zijn bijdrage bij een aantal composities.
Reyer Zwart
Bernard Gepken
Dinsdag 22 maart stond Stéphanie op het podium Van Blue Room Sessions in de Clubzaal van de Verkadefabriek met twee begeleiders: bassist Reyer Zwart en gitarist annex mandoline speler Bernard Gepken. Het repertoire bestond voor een flink deel uit nummers van het nieuwste album Fijn zo, zoals het gelijknamige openingsnummer.
Wat opvalt zijn de zuivere, melodieuze stem van Stéphanie en de prima gitaartechniek op haar vintage Gibson J-45. Daarnaast neemt ze ook regelmatig plaats achter de vleugel en laat horen dat ze dat instrument ook goed beheerst.
Stephanie Struijk achter de vleugel
In haar songs klinkt vaak verlangen en weemoed zoals in Dichterbij kon haast niet, waarin ze haar jeugd in het Limburgse Roggel bezingt. Een mooie ballad die ze zingt is Matta Montana waarin juist weer het verlangen doorklinkt van plaatsen in de USA. Zo klinkt het verlangen naar Los Angeles door in Sunset Sarah.
Wat opvalt aan de songs van Stéphanie is dat nodeloos ingewikkelde structuren vermeden worden. Je merkt duidelijk Americana-invloeden en een hoog gehalte aan 3 Chords and the Truth. Liedjes met een duidelijke structuur, maar toch steeds spannend.
Het publiek was tot aan het eind enthousiast en deed mee met de sing-a-long Later Wel. De na lang applaus afgedwongen toegift Als De Liefde Maar Blijft Winnen brengt de optimistische boodschap dat het wellicht allemaal nog goedkomt. Het was een prachtige muziekavond met achteraf veel positieve feedback van bezoekers.
Het instituut voor Sonologie uit Den Haag presenteerde onder meer werk van studenten in Willem Twee Toonzaal. De avond is georganiseerd door Willem Twee studio’s die al vaker het Haagse elektronisch instituut hebben uitgenodigd.
Instituut voor Sonologie
Kees Tazelaar
De Toonzaal studio werkt samen met diverse conservatoria in Nederland om studenten de gelegenheid te geven werken op te nemen en uit te voeren.
Deze avond was er een oude bekende met zijn ‘gang’ aan studenten, Kees Tazelaar. Kees geeft al vele jaren onderricht aan het Instituut voor Sonologie en is daar sinds 2006 ook het hoofd van.
Dit soort avonden heeft een hoog experimenteel karakter en daardoor zie je behalve de mensen die veel met ‘ elektronica’ te maken hebben niet veel belangstellenden. Dat is erg jammer, want de avonden zijn een laagdrempelige en vriendelijke manier om kennis te maken met deze muziek. En hoewel ze door leerlingen wordt gemaakt komen er al veel spannende en mooie klankbeelden voorbij. Ik hoop in ieder geval dat ik met dit stukje de belangstelling voor dit unieke genre kan laten toenemen.
Anna Khvyl
Anna Khvyl 8-channel fixed media
De aftrap werd genomen met de muziek van Anna Khvyl die de muziek maakte voor een documentaire over de mooie natuur in haar thuisland: Oekraïne, en specifiek zelfs het gebied rond de havenstad Marioepol. Anna is student aan het Instituut voor Sonologie.
De film was opgenomen voor de vreselijke gebeurtenissen, maar het bleef heel aangrijpend om de mooie bergen en natuur te zien. Anna zelf kon er niet bij zijn. Met haar klankbeelden, de vogelachtige geluiden, de vele subbassen legde ze een mooie laag bij de film. Een puntje van kritiek zou wat mij betreft zij dat de ‘beweging’ in de muziek niet altijd helemaal goed overeenkwam met de beweging in de film. Niettemin was het een heel mooie en ook aangrijpende ervaring.
Farzaneh Nouri
Farzaneh Nouri
Afkomstig uit Iran is Farzaneh heel blij dat ze in Den Haag aan het Instituut voor Sonologie studeren kan, wegens de vriendelijke omgeving en de intensieve interacties waarbij veel kennis wordt overgedragen. Ze maakte interessante klankkleuren die veel aan vrouwenkoren deden denken, maar dan toch weer iets etherischer, fluitende rietgeluiden, en zacht aangeblazen metalen klanken wisselden elkaar af in een dans waarbij de klankkleuren telkens subtiel verschoven. Zachte pulsen op de achtergrond verzorgden een gevoel van ritme, en reeds eerder gemaakte thematieken keerden in subtiele variaties terug. Een stuk dat je meevoert.
Kees Tazelaar
excerpt Source Signals 3
Kees liet zelf een excerpt horen van zijn Source Signals 3. Een enigszins ‘aangenaam elektronisch klassiek’ aandoende versie van geluiden die aan ploffen en tikken doen denken, gebrom van transformatoren, schuddende geldstukken. In samenwerking met vogelachtig getjilp en ruis en gepulseerde subbassen ontstaat er toch (en dat is het geniale van de opbouw van dit stuk) een herkenbaar geheel waarin een serie thematieken rondspelen. Er werd ook mooi gebruik gemaakt van een plotselinge stilte.
Willem Twee Toonzaal
Suzana Laşcu
Suzanna is een in opkomst zijnde artieste uit Roemenie. Het stuk dat ze deze avond liet horen maakte gebruik van 8 kanalen en ze speelde met de mogelijkheden die dat biedt om een geluid door de zaal te laten reizen. Ze had sterke contrasten in haar geluiden waarbij sommige geluiden sterk deden denken aan ‘The Gnome’ uit de bekende ‘Pictures at an Exhibition’ van Isao Tomita. Het enige jammere aan dit stuk was dat het vrij snel voorbij was.
Oscar Peters
Oscar Peters
Orgelpijpen
Als laatste liet Oscar Peters horen wat je met een combinatie van door de computer aangestuurde orgelpijpen en elektronische geluiden kan doen.
Zoals al ik al eens eerder heb opgemerkt kan je een kerkorgel met wat goede wil beschouwen als een mechanische synthesizer. En hij wist erg goed gebruik te maken van de klankkleur combinaties die je zo op kan wekken. Op een goed moment werkte hij naar een spectaculair hoogtepunt toe. En dat had ook eigenlijk wel het spectaculaire einde mogen zijn. Maar gebruik makend van het effect van de plots gevallen stilte ging hij toen weer door. Ik zou het stuk vaker moeten horen om te beoordelen of dat nu wel of niet een goede keuze was.
Not Dead Yet staat gekalkt op de accordeon van Andries van den Broek van de folk-punk band Bunch of Bastards. Nog niet dood, dat is één ding wat zeker is op deze zondagmiddag bij de Bossche Brouwers. ‘We leven nog ondanks meneer Poetin’. Daarmee haalt Andries de actualiteit er snel even bij. Met 500 Pints zet de band die woorden kracht bij.
Bunch of Bastards
Bunch of Bastards
Patrick’s Day is de nationale feestdag van Ierland. De feestdag valt op 17 maart waarbij de beschermheilige van het land, Saint Patrick, wordt herdacht. Eigenlijk was het afgelopen donderdag Saint Patricksday, maar de Bossche Brouwers vieren het op zondagmiddag samen met Bunch of Bastards. De band speelt een combinatie van traditionele Ierse folk songs met een up-tempo rauwe folk-punk. Grote inspiratiebron is de beroemde band The Pogues. Maar denk ook aan Flogging Molly, Mahones en Dropkick Murphys.
Bunch of Bastards bij de Bossche Brouwers
Het optreden bij de Bossche Brouwers is de vijfde gig van de band binnen een week. Na een lange corona-stop en nu zoveel optredens moet dat toch goed voelen? Een vraag die door elke bandlid positief wordt beantwoord: “Je hoort mij niet klagen.”
Het nummer Back in the Day gaat er net zo lekker in als het openingsnummer, punk met een stevig folk sausje. Met Sky Over Rotterdam haalt Andries van den Broek wederom de grimmige actualiteit aan van de strijd in Oekraïne, de verwoesting van steden door oorlogsgeweld. The war made that sky such a restless place
And airplanes were never hard to trace
De laatste release, de single Airplane Pilot, Drunken Lullabies, Michael Malloy en Drunken Lazy Bastard passeren de revue met dezelfde tomeloosheid. Dat is zo kenmerkend voor deze band die duidelijk plezier heeft aan dit optreden in Den Bosch ondanks de wat teleurstellende opkomst. Katusha Kalashnikova is een heel vermakelijk nummer. De intro doet een beetje denken aan het nummer Russian Spy and I van The Hunters met Jan Akkerman.
Tweede set
Jasper de Jong
Gosse Bosma
Andries van den Broek
Peter Heyman
Na het intermezzo volgt een akoestisch deel met zanger Jasper de Jonge, Gosse Bosma op de elektrische mandoline, Andries van den Broek op accordeon en Peter Heyman op gitaar. De evergreen Dirty Old Town van The Pogues is daarin een hoogtepunt. Bunch of Bastards heeft vele gezichten, gevoelig en mannelijk. Het zijn ook zonder meer goede musici. Als bassist Dex Loeve en drummer John Ouwerkerk het podium opgaan, is het gedaan met dat akoestisch deel want The Pogo Never Stops.
Dex Loeve
John Ouwerkerk
Intussen wordt er gedanst in de zaak tot genoegen van Andries die zich ontpopt tot oproeper en elk nummer een voorwoord geeft. Hoogtepunt is de meezinger Sing With Us Bastards en het duidelijk is dat Bunch of Bastards een echte festival band is die haar publiek met alle gemak meeneemt met opzwepende pogo-folk. Luister maar naar de traditional …Tell Me Ma.
Gitarist/componist Toer Greve bracht vrijdag 11 maart het nieuwe album Textures uit. Zelf noemt hij het experimentele elektronische muziek ook wel IDM genoemd, intelligent dance music. Textures is te beluisteren op Spotify en wordt gedistribueerd door DistroKid, een digitale muziekdistributiedienst.
Toer Greve – Textures
Textures
Toer Greve is gitarist, componist en docent. Hij zat in de fusionband Kasuaris (album Dinobird) en werkt samen met Luuk Bergervoet in het schrijvers- en producersduo Toul. Daarnaast werkt hij veelal als studio gitarist.
Textures telt zeven tracks en elke track is gebaseerd op de aloude ‘single-maat’. Het langste nummer duurt 3:40 minuten.
Textures is na Convenience over ethics zijn tweede IDM-album (Intelligent Dance Music). Elektronische muziek is voor Toer een speelveld om nieuwe ideeën en concepten uit te proberen. Hij werkt/schrijft in verschillende muzikale disciplines maar net dit genre geeft hem het gevoel dat alles mogelijk is. Geen beperkingen op technisch gebied of bepaalde stijlregels waar muziek aan moet voldoen. Hij kan zo ver gaan als zijn voorstellingsvermogen dat toelaat. Ongebonden.
De nummers vertegenwoordigenTexturen, de structuren van zowel synthetische als natuurlijke weefsels en materialen. De namen van de titels zijn gekozen op basis van die weefsels en materialen zoals rubber, hout, plastic en goud. En dat heeft natuurlijk alles te maken met de titel van het album, Textures. Weefsel, stof, materie. Voelbaar.
Toer Greve
“Het gevoel van het materiaal op mijn vingertoppen is de leidraad geweest voor het ontstaan van de nummers. Songtitels verklaren welk materiaal dat is. De composities zitten vol details en micro geluidjes. Dit geeft naar mijn mening het effect dat geluid bijna tastbaar wordt. Hopelijk ervaart de luisteraar dat ook zo!”
Het openingsnummer Rubber voldoet aan de bovenstaande beschrijvingen. Afwisselende cool beat en detailrijk. Leather heeft een Afrikaanse inslag geschraagd door complexe ritmes en donkere vocalen die kreten uit slaken. Het derde nummer Wood is mellow met dromerige meerstemmige vocalen, bijna transcendent. Teflon daarentegen is aards, jazzy en stedelijk. Wool is een geschikte advertentie tune voor alles wat met wol en warmte te maken heeft. Op Gold haalt Toer alles uit zijn gereedschapskist. Hier ook weer een vocaal met nu wel tekst. Het laatste nummer Plastic is een reguliere R&B met dien verstande dat het slot behoorlijk afwijkt van dat genre.
Textures is typisch zo’n album dat je vaker moet beluisteren om de vele wendingen en klanken op waarde te kunnen schatten.
Eric Devries heeft een nieuwe band en wat voor een. Hoewel hij al een aantal keren in wisselende maar altijd succesvolle samenstelling bij ons optrad, maakten we onlangs kennis met zijn nieuwste project. Dit gebeurde tijdens Roots in Heusden. Het viertal maakte een dermate grote indruk op ons team dat programmeur Ad van der Laan vanavond erg blij is de band te presenteren in de Clubzaal van de Verkadefabriek.
Eric Devries
Eric Devries – Song & Dance Man
Op het podium staan Eric Devries (zang, gitaar, mondharmonica en Appalachian Dulcimer), Janos Koolen (banjo, mandoline, gitaar en klarinet) en Lucas Beukers (bas). De heren hebben hun sporen ruimschoots verdiend in de Nederlandse muziekscene. In plaats van vaste violist Joost van Es neemt Kim de Beer zijn rol vanavond met verve over.
Eric Devries
Janos Koolen
Lucas Beukers
Kim de Beer
Over het nieuwe album Song & Dance Man zag ik al een reeks lovende recensies in binnen- en buitenland voorbijkomen. Devries heeft in deze samenstelling hoge ogen gegooid bij de liefhebbers van het Americana en Bluegrass genre. Van dit nieuwe album speelt hij vanavond een aantal songs, afgewisseld met wat ouder werk en enkele covers.
De band start met de eerste vier nummers van het nieuwe album te beginnen bij Little White Lies en Jericho Walls waarbij violiste Kim de Beer tijdens de intro opvalt. Tijdens Ballad Of A Song & Dance Man spelen De Beer en Koolen mooi samen op viool en mandoline. Soften The Grounds gaat over depressie (het blijft trouwens niet het enige nummer met dit onderwerp). Van het album Close To Home spelen ze de titelsong.
Tijdens Don’t Let Me Be komt de depressie toch weer even om de hoek kijken. Eric Devries wijst ons voorafgaand aan dit nummer nog op wat reviews van het (Engelse?) journaille met teksten als ‘prachtige meanderende gitaarpartijen’, waarop het rustige Matters Of Love volgt met tweede stem van Kim die naast Eric ook over een goed stemgeluid beschikt zoals later ook blijkt tijdens But For The Grace.
Tweede set
Eric Devries – Appalachian Dulcimer
In de tweede set wordt gememoreerd aan Gilbert O’Sullivan met Nothing Rhymed. Het gevoelige Hello In There is van de aan Covid overleden John Prine en This I’d Do is een cover van de eveneens overleden Greg Trooper met Devries op de Appalachian Mountain Dulcimer.
16 songs in twee dagen
Niet zonder trots vermeldt Devries dat bij de totstandkoming van Song & Dance Man in twee dagen tijd 16 liedjes zijn geschreven waarvan er 12 het album, geproduceerd door Janos Koolen, bereikten. Ik kan er veel over zeggen maar stuk voor stuk klinken alle songs fantastisch. De band blinkt uit door het warme stemgeluid van voorman Eric Devries en zijn instrumentale kwaliteiten op gitaar, mondharmonica en op zijn Appalachian Dulcimer. Ook de bas van Beukers is opvallend goed. De viool van De Beer en de meerdere instrumenten van Koolen maken op mij grote indruk en duiken diverse keren met uitroeptekens op in mijn notities.
Toegift
Blue Room Sessions
Liefst twee nummers als toegift; de sfeervolle afsluiter Sunday Eve In Amsterdam met de warme klanken van Janos Koolen op klarinet. Daarna een stampende Blue grass met het “van Matthews gestolen” Mare, take me Home. En dat doen onze gasten na een fantastische avond.
Setlist: Little White Lies, Jericho Walls, Ballad Of A Song And Dance Man, Soften The Ground, Close to Home, Matters Of Love, Don’t Let Me Be, Time Is All, Memories of you, Tweede set: But For The Grace, Different Stations, Anything But What I Am, Hello in There, Nothing Rhymed, All I Know How to Do, Another Round, This I’d Do, Songwriters Blues, Sunday Eve In Amsterdam, Mare,Take Me Home
Oh my Goth is een samenwerking van drie Bossche culturele organisaties. Design Museum Den Bosch, de Verkadefabriek en Willem Twee. Zij slaan de handen ineen en presenteren op 5 en 6 maart 2022 een tweedaags festival. KLANKGAT richt zich vooral op de bands die op 5 maart staan geprogrammeerd.
Oh my Goth
Zoals het gezegde luidt, de één zijn dood… Gelukkig niet zó uitgesproken, komt het er zaterdag 5 maart toch op neer dat de corona van collega-recensent Johan Kramer mij een kadootje in de schoot werpt. Of ik niet in zijn plaats naar het festival Oh my Goth festival wil gaan, want positief getest.
Eerlijk is eerlijk, goth is voor mij vooral muziek uit mijn jeugd. Wat er zich tegenwoordig in dit genre afspeelt, ik heb geen idee. Dus ja, de uitnodiging aangenomen en de kou getrotseerd.
Het festival zal zich afwisselend in de Kleine en Grote Zaal van de Willem Twee poppodium afspelen.
Tramhaus
Opener Tramhaus trapt de avond af in de kleine zaal. Een betere opener kan men zich niet wensen! Een behoorlijk eigen geluid, van twee gitaren, een volle bas en drums waarbij veel toms worden gebruikt, aangevuld met een zanger die zeer goed bij stem is. De kleine zaal is behoorlijk gevuld, maar vanaf tel één staat vrijwel iedereen mee te bewegen met de postpunk van dit Rotterdamse quintet. Ruim een half uur overtuigen ze, door met overgave hun muziek neer te zetten.
Remy Neumann
De volgende Oh my Goth act is een dansperformance van bedenker en regisseur Remy Neumann. Danser Simon Bus treedt aan in de Grote Zaal. Midden voor het podium, als wel aan weerszijden van de zaal, op de verhogingen, staan drie doeken, met op elk een duivel er op geschilderd. Remy Neumann begeleidt op zijn basgitaar de dans van deze demonen. De twee vleugelspelers bewegen en wormen zich langzaam naar het midden om daar aansluiting te vinden bij de derde duivel. De doeken worden elk overeind gehouden door dansers, en door middel van de muziek van Jornt Duyx en dans wordt duidelijk gemaakt, dat een ieder zijn eigen demonen heeft en bevecht.
Danser Simon Bus
In deze tijden van corona scepsis en flat-earth-societys, durf ik een derde bron van twijfel aan te boren, en wel dat de zon niet in het oosten opgaat, maar in het westen. Meer precies, in Rotterdam.
Nadat eerst Tramhaus een erg sterke indruk maakt, is het nu tijd voor het eveneens Rotterdamse Rats On Rafts. Ook een quintet, een tiental jaren geleden begonnen als postpunk kwartet, hebben zij hun sporen al wel verdiend in de Nederlandse, maar ook daarbuiten, muziekwereld.
Rats on rafts
Rats on rafts
Rats on rafts
Het tweede deel van de titel van de Rats’ laatste plaat, The Mind Runs A Net Of Rabbit Paths, blijkt een blauwdruk voor wat ze vanavond laten horen. Vanaf de eerste, langzame staccato aanslagen op de slaggitaar, niet veel later aangevuld door een snellere basgitaar die de slaggitaar meeneemt in haar tempo. De drums vallen in, de zang begint, en voor je het weet zit je in de trein die Rats On Rafts vanavond is.
Met een uniek geluid, gekleurd door mooie duidelijke basloopjes, hakkende én ingetogen drumpartijen, staccato slaggitaar, tweestemmige glasheldere en glasharde dameszang, en nog veel meer, leiden de Rats je door de konijnenpaadjes. Af en toe komt het ene paadje je bekend voor, maar bij de eerstvolgende kruising blijkt het toch weer een heel ander paadje te zijn, dan dat waar je al doorheen bent gekomen. En zo een uur, anderhalf uur lang?
Hermetisch sluiten de nummers zich aan elkaar, wat weinig ruimte laat voor applaus. Ik merk dat ik dat jammer vind. Ik wil graag laten weten dat ik het gaaf vind. Dat het uiteindelijke eindapplaus zo massaal is, is duidelijk de verdienste van het eigenzinnige van Rats On Rafts.
Mathilde Nobel – Oh my Goth
Met een hoofd vol, weer naar de Kleine Zaal, waar Mathilde Nobel op het podium staat. Half verstopt achter een opengeklapte laptop, waarbij haar donkere contactlenzen opvallen, iets wat haar meteen een masker en afstand meegeeft.
Mathilde tovert uit haar laptop eigen beats en ritmes, die ze aanvult met zang. Rhytmische zang, melodieuze zang, ter plekke opgenomen zang, die met een tapeloop een tapijt legt voor meer wonderschone zang. Meeslepend en van hoog niveau neemt Mathilde je dansend mee in haar wereld, ondertussen breeduit glimlachend. Een glimlach die nog breder wordt als ze na haar set, het applaus van het enthousiaste publiek ontvangt.
Afsluiter Laster staat klaar om de avond af te sluiten. Drie gemaskerde muzikanten storten hun sferische black metal uit over de zaal. Drums, bas en gitaar storten zich in technisch hoogstaande breaks en tempowisselingen. Regelmatig versterkt door dubbele bassdrums, en zang die varieert tussen praterig, schreeuwend, en gruntend. De onverstaanbaarheid van de zang, in combinatie met de maskers, zorgt voor een vervreemdend effect. In plaats van mee te willen in de wereld van Laster, merk ik dat dit niet mijn ding is.
Laster
Laster
Qua programmering zou je kunnen zeggen dat Laster het meest ‘goth’ van deze Oh my Goth avond is. Donker, duister, verontrustend. De andere acts zitten meer in de postpunk of new wave-hoek. Maar ach, hoe belangrijk is een hokje als je zomaar even een paar toffe acts in je schoot geworpen krijgt.
Oh my Goth sloot af met SKEMER, een gloednieuwe samenwerking tussen zangeres annex fotomodel Kim Peers en gitarist Mathieu Vandekerckhove van Amenra en zijn persoonlijke project Syndrome, Die samenwerking leidt tot minimalistische dark waveconstructies die zowel bruut als erotisch zijn. Verder had de Verkadefabriek een aandeel in Oh my Goth door een concertfilm van The Cure te vertonen.
Op de fiets naar huis, word ik voorbij gereden door een auto, waarvan op het dak een jongen ligt, zich met beide handen vastklampend in de open ramen, hardop het ‘Ahieieie’ van The Lion Sleeps Tonight’ zingend. Lieve mensen, de lente is begonnen.
De Goth – Designing Darkness tentoonstelling in het Designmuseum is nog tot 18 april te zien.