Muziekfestival November Music bestaat 25 jaar

Interview met artistiek leider Bert Palinckx

Bert Palinckx is artistiek leider van November Music. Hij is al 18 jaar verbonden aan dit muziekfestival in ‘s-Hertogenbosch dat de slogan aanvoert ‘ muziek van nu door de makers van nu’.
November Music werd in 1993 opgericht en viert dit jaar zijn vijfentwintigjarig jubileum. Het festival duurt elf dagen van 2 tot en met 12 november en wordt op tal van locaties in ‘s-Hertogenbosch gehouden.

KLANKGAT: Wat doet een artistiek leider en hoe vult u dat leiderschap in?
Bert Palinckx: Ik zoek een samenhang binnen de programmering. Ik kijk wie waar en wanneer optreedt. Het is een soort puzzel waar ik bijvoorbeeld let of er niet teveel dezelfde genres op een bepaalde datum en locatie staan geprogrammeerd. Je wilt toch een spanningsboog in je programma bouwen, lijnen uitzetten, met op de laatste zondag een wat lichtere noot.
Ik praat vooraf veel met componisten over hun ideeën en kijk dan hoe die passen in het programma. Ik bemoei me niet met de inhoud. Daar zijn de componisten zelf verantwoordelijk voor.

November Music bestaat 25 jaar. Gaat dit een speciale editie worden?
Laat ik het zo zeggen: elke editie is mij lief. Het ligt niet in de aard van November Music om terug te kijken. We hebben geen speciaal retrospectief programma en zelfs niet een jubileumboek uitgebracht. November Music kijkt liever naar de toekomst.

Muziekfestival November Music bestaat 25 jaar
Dansgroep Panama Pictures op de Parade n.a.v. de opening November Music

Nou ja, het festival reserveert een hele dag voor één artiest. Zaterdag 4 november staat helemaal in het teken van John Zorn. Dat is, zover ik weet, nog nooit gebeurd.
(lacht) Eerlijk gezegd had ik John Zorn al voor vorig jaar gepland. Maar het kon toen niet en daarom is hij er nu. Met een flinke crew. Hij betekent veel voor de moderne muziek en krijgt van ons de ruimte om dat op 4 november te laten zien. Er komen zelfs mensen uit Moskou speciaal voor hem.

Het Bosch Requiem is door November Music overgenomen. Hebben jullie dingen gewijzigd, is er een andere insteek?
Bosch Requiem is inderdaad overgenomen van de Jeroen Bosch Stichting die inmiddels is opgeheven. Als eerste zijn wij uit de Sint-Jan gegaan. Het kerkbestuur drong aan om te blijven, maar we wilden het requiem een ander karakter geven, minder cerebraal. En de akoestiek is ook niet geschikt, het galmt er nogal.
Daarnaast wilden we het ook theatraler maken. We zochten een geschikte locatie en die werd uiteindelijk Theater a/d Parade. Op donderdag 2 november, Allerzielen, begint het Bosch Requiem op de Parade en wordt het binnen in het theater voortgezet. Buiten op de Parade gaat een deel van de voorstelling overigens door met Allerzielen als leidraad.
Er is ook een nieuw requiem geschreven door de componist Anthony Fiumara met een libretto van filosoof en schrijver De´sanne van Brederode uit Den Bosch.

November Music is niet zo bekend in Den Bosch. Zijn er plannen om daar wat aan te doen?
November Music was nogal elitair maar de laatste jaren is de programmering veel breder van opzet geworden zonder dat we inhoudelijk een kniebuiging hebben gemaakt. Het is nu eenmaal minder toegankelijke muziek die wij brengen.
Qua bezoekers is het leuk om te weten, dat een derde van de bezoekers uit Den Bosch komt, een derde uit Brabant en eenderde buiten Brabant.

Een tipje van de sluier van wat 2018 gaat brengen?
Het Requiem wordt een traditie. Daarover is een akkoord bereikt met de gemeente ‘s-Hertogenbosch. En volgend jaar gaan we meer vrouwelijke componisten en uitvoerders programmeren. Er zijn veel goede en belangrijke vrouwelijke componisten. Nu is de man-vrouw verhouding 70-30 procent ten gunste van mannen.
Verder willen we concerten opzetten met koren uit Brabant. Onder professionele begeleiding zullen zij bestaande, klassieke liederen zingen in de hele stad. En als laatste wat ik nog wil zeggen, is dat het allerbeste ensemble ter wereld, Klankforum Wien, naar November Music komt.

George Kush

George Kush Trio hip hop geflambeerd met flamenco

Jong publiek reageert enthousiast op dansbare muziek van de band en stonden de voorste rijen niet stil

Het George Kush Trio trad donderdag 26 oktober in de Willem Twee toonzaal op met vier man. Als dj Jordi ook was gekomen, dan zou de band het George Kush quintet hebben moeten heten. Het wordt nu, zonder dj, een akoestische set met zang, twee gitaren en een cajón.

George Kush trio

George Kush trio
George Kush trio in de Toonzaal

Joris Branderhorst aka George Kush (zang)
Jurijn Branderhorst (gitaar en zang)
Koen Klijsen (cajón)
Wout van der Sanden (gitaar en zang)

Kampvuur

George Kush
Joris Branderhorst aka George Kush

Het verhaal gaat dat het George Kush Trio rondom een kampvuur is ontstaan. De rap van Joris en de flamenco uit Jurijns gitaar smolten samen in dat vuur. Die symbiose en dat kampvuur gevoel brachten ze mee naar de foyer van Willem Twee concertzaal.

De hip hop van George wordt ondersteund door de backing vocals van zijn drie kompanen. Af en toe wordt de leadvocal van George overgenomen zoals bij een nummer over bommen op Irak dat door Wout van der Sanden wordt gezongen.

George Kush
jong publiek

Het publiek is jong en reageert enthousiast op de muziek van de band en de teksten van frontman George Kush. Bij de dansbare nummers staan de voorste rijen dan ook niet stil. In de pauze is er even tijd voor een kort interview.

KLANKGAT: Sommige van jullie nummers zijn duidelijk beïnvloed door Spaanse muziek, gitano. En daar komt Nederlandstalige hip hop over heen. Hoe is dat zo ontstaan?
George Kush: Als producer maakte ik alleen instrumentale muziek en ik vroeg Jurijn of hij stukken gitaar wilde toevoegen aan mijn beats. Wij zijn een dag de studio ingedoken en daar kwam een heel nieuw nummer uit tevoorschijn. En dat is eigenlijk de eerste stap naar het George Kush Trio.
Jurijn: Het komt ook omdat ik in die tijd bezig was met flamenco muziek vanuit mijn klassieke gitaar studie. Die muziek wilde ik graag doordrukken in de creativiteit van George en dat is goed gelukt.

Hebben jullie veel naar Spaanse hip hop geluisterd?
George Kush, Jurijn, Wout: Nee, nee, nee. Nog nooit.
Koen: Ik persoonlijk wel, maar ik denk dat onze sound niet per se te koppelen is aan Spaanstalige hip hop. Het is bij ons toch meer een mix van singer songwriter en hip hop.
George: Het is nooit zo geweest dat we bewust deze kant zijn op gegaan. Het is min of meer toevallig gebeurd. Ik was met hip hop bezig en Jurijn met flamenco.

Jullie sound is uniek
Jurijn: Dat jij zegt dat het uniek is, daar hebben wij ook mee geworsteld, in welk genre onze muziek past. Daar zijn wij zelf heel lang niet uitgekomen, nog steeds eigenlijk. Bij veel optredens kregen we te horen in welk genre wij eigenlijk thuishoren.

Deze diashow vereist JavaScript.

Het is toch niet erg als je wat ongrijpbaar bent?
Jurijn: Juist niet. Wij hebben tegen elkaar gezegd ‘We doen ons ding en we horen wel welk genre het is. We gaan onszelf niet in een hokje stoppen’.
Wout: Als je kijkt wat we aan muziek op onze computers hebben staan dan zie je daar de hele wereld op een lijstje. De zo verschillende muziek die wij individueel beluisteren, brengen we mee naar George Kush Trio. En dat hoor je in onze sound. De een luistert naar hip hop, de andere naar Arabische muziek, reggae, dub, dramatische muziek. We pakken overal iets mee en dat proberen we ons eigen te maken.

Interview met Rob van der Ham

Organisator van Duketown Rebelfestival

KLANKGAT: Hoe is het Duketown Rebelfestival ontstaan?
Rob van der Ham: Toen we destijds met onze band The Duketown Helldogs begonnen, merkten we dat het sfeertje qua bandjes weer begon aan te trekken. We speelden best veel in die tijd en vrienden en kennissen uit de punkrock-en metalscene zeiden: “Hé, die gasten beginnen een band. Wij kunnen dat ook!” En zo ontstonden uit die groep weer een aantal bevriende bandjes.

We waren vroeger allemaal een beetje fan van Speedfest in Eindhoven, het festival dat georganiseerd werd door Peter Pan Speedrock. Daniël van Vugt, waarmee ik samen in de band zat, en ik zeiden tegen elkaar: ”Dat mis ik in hier Den Bosch!” We wilden hier ons eigen feestje organiseren, met lokale bandjes uit de regio.
Toen Daniël en ik vier jaar geleden dit festival begonnen, hadden we het idee om, net als Peter Pan Speedrock bij Speedfest, zelf met onze band The Duketown Helldogs te headlinen en bevriende bands uit te nodigen om het programma compleet te maken. Dat hebben we die eerste keer ook gedaan. Inmiddels bestaat die band niet meer en zijn we allebei onze eigen muzikale weg gegaan. Ondanks het feit dat ik de laatste jaren de programmering in mijn eentje doe, hebben we nog wel goed contact. Zo is hij deze editie ook weer van de partij met zijn band Jesus Sanseveria.

Interview met Rob van der Ham
Wonk Unit

Hoewel de meeste bands die je programmeert voor het Duketown Rebelfestival uit de regio komen, die je vaak uit je persoonlijk netwerk kent, prijkt er dit jaar een band uit Engeland op het affiche, Wonk Unit. Hoe kom je aan die band?
Ik zit zelf best wel in de punkscene en ook in de metalscene via mijn vriendin die in een metalband speelt, Bring On The Bloodshed. Daardoor ben ik bekend met veel bands uit die genres, ook internationaal. En ik heb ook mijn eigen boekingskantoor waardoor ik veel connecties heb in het buitenland.
In maart speelde Wonk Unit op een zondagmiddag hier bij Willem Twee en die hebben mij super verrast! Ik was erg onder de indruk. Deze punkband heeft van de zomer op verschillende festivals gespeeld, onder andere op het Exit festival in Servië en waren headliner op Rebellion Festival in Blackpool, het grootste punkfestival van de wereld. Ik vind dat Den Bosch deze band zouden moeten leren kennen, daarom heb ik ze voor dit jaar geboekt.

Wat doe je nog meer bij Willem Twee?
Ik werk nu zo’n anderhalf jaar in bij Willem Twee, onder andere als stagemanager en daarnaast doen we met vijf jonge programmeurs, met ieder zijn eigen genre, de programmering voor On The House. Ik heb dan één keer in de maand een avond. Willem Twee trakteert dan op een gratis avond met live muziek, van het huis dus.

Je woont nu sinds een tijdje in Amsterdam, omdat je vriendin daar vandaan komt. Is dat goed te combineren met je werk hier?
Ik kom hier al bij sinds mijn vijftiende. Willem Twee zit in mijn hart en ik kan hier doen wat ik leuk vind. Muziek is mijn passie. Ik werk hier in principe twee vrijdagavonden per maand. Afgelopen maand wat meer, dus het kan variëren. Maar het is goed te doen. Ook al heb ik in Amsterdam ook een fulltime baan en ben ik ’s avonds met mijn boekingskantoor bezig.

Interview met Rob van der Ham
Lemniscate uit Vught

Welke band mogen we niet missen tijdens het Duketown Rebelfestival?
Het wordt een veelzijdige avond met dit jaar iets meer nadruk op punk en wat leuk is om te zien, is dat er weer een nieuwe generatie muzikanten aan komt. De band Lemniscate uit Vught bijvoorbeeld, bestaat uit vier jonge tieners die je omver blazen met hun trashmetal. En dát is slechts één van de nieuwe bandjes uit de regio. Er is dus hoop voor de toekomst van punkrock en metal.

The Silverfaces Popronde 2017

Interview met The Silverfaces

Na het optreden in de Knillispoort, tijdens Popronde Den Bosch, sprak ik zanger/gitarist Jesse Koch en toetsenist Martin Scheppink van The Silverfaces voor een interview. We liepen de hoek om en gingen bij een standbeeld zitten, op een trap aan het water. Tussen wat zwervers begonnen we het interview.

KLANKGAT:Hoe kennen jullie elkaar?
Martin Scheppink: ‘‘We kennen elkaar van de Herman Brood Academie eigenlijk. Ik moet er wel bij zeggen dat we daar niet zijn begonnen als band. Dat was pas in een zomervakantie daarna.

Waar komt de naam ‘The Silverfaces’ vandaan?
Jesse Koch: ‘Aaaaah dat is een leuke vraag. In elk geval niet de gitaarversterkers, dat denken veel mensen.’
Martin: ‘Het echte verhaal is eigenlijk zo. In de beginfase, tijdens de campagne van een of ander lingeriemerk, hadden we elke week de nieuwe poster van Sylvie Meis in de oefenruimte hangen. We dachten eerst nog aan ‘Sylvie’, maarja dat werkt als bandnaam ook niet.’
Jesse: ‘We zijn daar een beetje verder op gaan denken. Één van ons, ik weet niet meer wie, kwam met ‘The Silverfaces’ en toen waren alle domeinnamen vrij.’

The Silverfaces Popronde 2017
The Silverfaces

Hoe zijn jullie begonnen met muziek maken?
Martin: ‘Ik was zes toen ik begon met piano spelen, wel uit vrije wil’
Jesse: ‘Ik ben eigenlijk vrij laat begonnen. Ik was eerst helemaal into hiphop en R&B. Ik was fan van Chris Brown, Usher, Justin Timberlake enzo, en ik zat op street dance. Toen ging ik skateboarden en toen draaide mijn muzieksmaak om, ik ging heel veel punk luisteren.
Op een gegeven moment ging ik ook gitaarspelen, mijn moeder had me die riff van Herman Brood geleerd van ‘Saturday Night’. Ik belandde in wat punkbandjes en op latere leeftijd begon ik meer naar Jack White, Led Zeppelin en Jimi Hendrix te luisteren, die classic dingen. Dat heeft me toen ook wel gevormd voor en tijdens de Herman Brood Academie.

Hoe zijn jullie op Bevrijdingsfestival Den Bosch terecht gekomen?
Martin: ‘We speelden in een onderdeel van de Willlem Twee, hier in Den Bosch. De Toonzaal heette het. Daar was volgens mij de programmeur van Bevrijdingsfestival Den Bosch en die had ons toen geboekt.
Jesse: ‘Dat was echt een hele leuke show trouwens.’

The Silverfaces Popronde 2017
Javier Den Leeuw – bassist

‘Daar haak ik op in, want ik wilde ook vragen wat de leukste show is die jullie gespeeld hebben?’
Martin: ‘Ja ik vond Bevrijdingsfestival Den Bosch toen in elk geval heel gaaf, met Javier [de bassist, red.] er ook nog niet heel lang bij.’
Jesse: ‘Pfoee dat vind ik een hele moeilijke, want heel veel shows zijn leuk. Voor mij is er in elk geval wel een verschil tussen een show die goed gaat en een show die ik heel leuk vind. Het perfecte is natuurlijk als dat allebei heel goed zit. Maar laatst in Roermond bijvoorbeeld, ook voor Popronde, speelden we heel lekker, het geluid was goed en we zaten er allemaal lekker in, maar dat was voor maar dertig man ongeveer in een kroeg. We hebben ook op Lowlands gespeeld, en dat is echt zo’n mijlpaal, maar dat heeft waarschijnlijk ook veel spanning met zich meegebracht, waardoor ik me niet echt goed herinner hoe leuk ik het vond.’

Hoe hebben jullie je voorbereid op Popronde?
Martin: ‘Vooral eigenlijk mentaal voorbereiden op downgraden, zeg maar dat je ervan uit gaat dat alles kut is. Omdat je met Popronde niet echt weet wat je kan verwachten. We zorgden dat we als band gewoon goed in balans konden spelen, zodat alleen de zang uitversterkt hoeft te worden. Je bent gewend aan shows waar je goed ontvangen wordt, waar goed geluid is en waar een backstage is. Met Popronde kan je daar niet vanuit gaan.’

Kunnen jullie iets vertellen over waar jullie nu mee bezig zijn?
Martin: ‘Ergens in de komende maanden komt een nieuwe single uit. Ook is er een nieuwe EP af, maar wanneer die uitkomt laten we nog even in het midden. En er is een clip af van de komende single, dus die krijg je ook om je oren geslingerd.’

The Silverfaces Popronde 2017
Nienke Overmars – Drums

Hoe komen jullie tot nummers, wie schrijft?
Martin: ‘Jesse en ik vooral eigenlijk. Vaak is er een orgelriff of refrein, dat werken we dan uit.’
Jesse: ‘Ja klopt vaak gaat het zo. Soms gebeurt het ook dat ik iets al helemaal af heb, ook met andere instrumenten. Dan gooi ik het in de groep met de vraag of ze hier iets mee kunnen. Dus dat verschilt’

Welke artiesten/bands vinden julllie vet in Nederland?
Jesse: ‘Ja dat is moeilijk. Veel artiesten kennen we ook persoonlijk, dus dan is het lastig om echt een soort idool te hebben.
Martin: Ik denk dat veel gasten ook dezelfde inspiratiebronnen als ons hebben, en dat dat al een soort connectie maakt.’

Wat willen jullie zelf nog kwijt?
Martin: ‘Dat we op de achtergrond hard bezig zijn, en dat er dus veel dingen aankomen.’

De foto’s zijn gemaakt bij een eerder optreden van The Silverfaces in de foyer van Willem Twee concertzaal in Den Bosch.

Benjamin Fro is relaxter dan een zitzak

Fro is een filosofisch rapper die hiphop muziek maakt

Zoals het hoort bij de Popronde begint vrijwel iedere band iets te laat, het Brabants kwartiertje treft ook Benjamin Fro. De vierkoppige band ‘The Theory of Justice’ staat achter de Amsterdamse rapper Fro (Adam Bais). Letterlijk, het podium waar ze optreden past maar net in de Palm dus ruimte om naast elkaar te staan is er amper. Benjamin Fro omschrijft zichzelf als filosofisch rapper die hiphop muziek maakt. Geen woord van gelogen, maar hij doet veel meer dan dat.

Het optreden
Fro is in Nederland nog niet zo bekend, hoewel de Palm vrij vol is zijn er daarom nog een paar plekjes vooraan. Toch zijn er duidelijk fans binnen: zodra de openingstrack ingezet wordt, springt een groepje meisjes meteen op. De eerste danspasjes zijn al gezet voor de rapper goed en wel kan beginnen. Hij start met ‘The Light’, van het album ‘Praten Over Leven’. Een chille plaat met lekkere beats en pianoklanken die je niet direct verwacht bij hiphop. De muziek bevalt goed, zo veel is duidelijk, de lege plekken vooraan zijn binnen no time gevuld.

Er hangt een ontspannen sfeer op het podium die verraadt dat dit niet hun eerste optreden is. The Theory of Justice geeft op bas, elektrische gitaar, drums en keys een heerlijke aanvulling op de raps van Fro. Soms zijn die dromerig, soms hard. De klassieke hiphop krijgt op dit podium een creatieve verbreding door synths en jazzy toetsen. Het doet denken aan een collab van Pete Philly & Perquisite en Chef’Special op hun eerste album.

Hoe meer het publiek hoort, hoe meer ze meegenomen geworden door de vibe die Fro uitstraalt. Alles lijkt moeiteloos te gaan voor deze Amsterdammer. Al snel blijkt dat hij ook humor heeft. Tussen twee nummers door promoot hij de sales van zijn nieuwe plaat: “Je kunt m’n album ook kopen, geef wat je wil. Het kost drie euro om ‘m te maken, dus als je 2,50 geeft ben je wel een beetje een eikel.” Het publiek lacht hartelijk met hem mee.

Benjamin Fro nadert het eind van zijn set: “Oké dan, hebben jullie zin om een feestje te bouwen?” Een redelijk enthousiast ‘yeah’ volgt. Fro antwoordt gevat: “Ik heb het idee dat rappers dingen altijd twee keer moeten vragen. Hebben jullie zin om een feestje te bouwen?” Na een volmondig ‘ja!’ van het publiek eindigt hij met het nummer ‘Real Man’.

Achteraf
Na het optreden zoek ik Fro op voor een kort gesprek. Ik vraag hem naar het optreden, zijn inspiratie en bekendheid.

KLANKGAT: Is dit het kleinste cafe waar je ooit gespeeld hebt?
Fro: “Vorige week zaterdag was ik in Almere. Ik denk dat dat het kleinste zaaltje tot nu toe was.”

Kan ik me voorstellen, hebben ze überhaupt grote zalen in Almere?
Geen idee, maar ik wil niet heel Almere op mijn nek hebben. [lacht]

Wie is op dit moment je inspiratie?
Een rapper, Odyssey, die heb ik toevallig eergisteren ontdekt. Hij maakt hiphop met een liveband. Het is super soulvol, en combineert de oude hiphop van de jaren ’90 met die van nu. Dat probeer ik ook, een combinatie van relaxt en opzwepend.

Internationaal ga je best wel lekker, maar in Nederland ben je nog niet zo groot. Waar denk je dat dat aan ligt?
Ik sta inderdaad in Duitsland en Italië in de New Music Friday [op Spotify, red.]. Dat heeft voor het nummer The Park 40.000 streams opgeleverd. Ook in Polen, Denemarken en Zwitserland gaat het goed, daar word ik op de radio gedraaid. Sowieso zijn ze in het buitenland vaak een paar jaar eerder dan hier. Dat ligt aan internet denk ik. Je hoeft minder te doen dan vroeger om muziek aan andere kant van wereld te krijgen. Als je ineens opgepikt wordt, kan het snel gaan.

Fijne avond, bedankt voor je optreden!

Beeld: Benjamin Fro – The Light

Mourad Majaiti kan zeer radio-vriendelijk zijn

Een kijkje in de keuken van een quizmaster

Mourad Majaiti is een gedreven man en gaat helemaal op in de wereld van de popmuziek. Toen hij voor de eerste keer MTV zag, was ie verkocht en koos ervoor om quizmaster te worden maar dan alleen als het gaat over pop en rock. Hoe bereid je een popquiz voor en waarom zijn die van Mourad zo leuk?

Mourad wil geen half ingevulde blaadjes terugkrijgen

KLANKGAT: Op 27 september houd je in pubcafé Thornbridge de popquiz De Zinvolle Editie. Kun je een tipje van de sluier oplichten?
Mourad: Ja. Het is een ode aan Jeroen Bosch. Jeroen Bosch is zó tekenend voor Den Bosch. Dat wilde ik terug laten komen in één van mijn quizzen.
Na mijn 50ste quiz afgelopen mei wilde ik een project gaan doen waar ik normaal niet aan toe kom. Dit was er één van, een kunstwerk als quiz. Ik nam er de tijd voor en die heb ik dus samengesteld.

Is de quiz misschien gebaseerd op De Tuin der Lusten?
Ja, zoiets. Ik heb een schilderij van Jeroen Bosch uitgewerkt, maar niet de Tuin der Lusten. Ik heb Bosch wel gebruikt als basis van de thema’s die in de quiz zitten. Thema’s die hij heeft geschilderd.

Wil je misschien meer toelichten?
Nee, nee. Dat zou ‘n zonde zijn.

Wat is jouw muzikale achtergrond?
Ik heb eigenlijk geen muzikale achtergrond. Toen ik in 1991 naar Nederland kwam, keek ik naar MTV en raakte in de ban van alles wat muzikaal was. Pop en videoclips.

Mourad Majaiti kan zeer radio-vriendelijk zijn
Mourad Majaiti

Maar waarom de keuze voor popquizzen en niet een eigen bandje beginnen bijvoorbeeld?
Ik merkte dat ik steeds meer wilde weten over de artiesten, hun achtergronden, alles. Ik ging meedoen aan quizzen. Bijvoorbeeld aan De Enige Echte Bossche Popquiz samengesteld door Maarten van Hooft en anderen. Ik dacht dat ik veel wist van muziek, maar wat zij zoal vroegen. Ik was al blij dat ik 40 à 60 procent kon invullen. ‘Kan het niet wat simpeler’, zei ik tegen Maarten. Hij antwoordde: ‘Doe het dan zelf’. Dat nam ik ter harte. Ik ging zelf quizzen samenstellen.

Hoe stel jij een popquiz samen? Heb jij een format?
Ik heb intussen meer dan vijftig quizzen samengesteld sinds 2009. Als ik nu terugkijk naar de eerste tien, twintig quizzen dan zijn die niet om over naar huis te schrijven. Ik had niet echt onderwerpen, ik probeerde vooral mijn eigen muziek op te dringen.
Ik veranderde dat door een formule, een format, te maken. Een ronde bestaat bij mij uit elf fragmenten. Daaruit zijn er zes die iedereen kent. Daarna drie liedjes waar mensen naar moeten graven. Liedjes die je nét niet kan plaatsen. En dan twee nummers die echt moeilijk zijn, maar wel het verschil maken voor de punten, voor de teams die meedoen om te winnen.
Verder komen de decennia van de popgeschiedenis procentueel aan bod. De jaren ’50 en ’60 tien procent, de jaren ’70 vijftien procent en zo bouw ik dat per decennium op.

Richt jij je op leeftijd?
De quizzen moeten voor iedereen leuk zijn. Jong of oud, ze moeten er allemaal iets in kunnen herkennen. Dat vind ik het mooiste van popquizzen. Je ziet mensen blij opkijken, zo van: ‘Dat is een nummer die ik ken’. Ik richt me bij mijn muziekkeuze op het radio-vriendelijke af. Ik wil geen half ingevulde blaadjes terugkrijgen.

Deze diashow vereist JavaScript.

Zijn er muziekgenres, waar jij niks mee hebt en die je niet in quizzen verwerkt?
Nou, dat was het geval met boy- en girlbands, maar daar ben ik van teruggekomen. Ik merkte dat die liedjes wel degelijk bij de mensen bleven hangen.
Nu richt ik me specifiek op een genre. Begin dit jaar heb ik in de Willem Twee de Popquiz Alternative gemaakt, gericht op alternatieve muziek. Dat was een succes. De muziekgenres die ik tot nu toe heb onderbelicht, die ga ik nu eigen quizzen geven. Bijvoorbeeld metal. Die komt in oktober in de Willem Twee.

Hoe ziet jouw publiek er uit? Ik bedoel, komen mensen speciaal voor hip hop of metal?
Nee, nee. Bij de komende quiz, De Zinvolle Editie, daar is het jongste team gemiddeld 19 jaar en het oudste team is boven de 50. Ik heb eindelijk – en daar ben ik best trots op – het niveau bereikt dat mensen komen voor een goede avond. Mensen – omdat zij mij ook kennen – weten ondertussen wat ze kunnen verwachten: het wordt leuk.

Het Warm Onthaal, muziekcafé voor allerlei stromingen

Een nieuw podium voor een heel breed publiek

Muziekcafé het Warm Onthaal is in juni 2017 gestart. Het aanbod van het etablissement richt zich op een breed muzikaal spectrum waar allerlei stromingen aan bod komen. Op de donderdagavond is ruimte geschapen voor akoestische optredens. Het bieden van een podium voor beginnende bands op de vrijdagavond is de volgende stap.  Muziekcafé het Warm Onthaal wil graag muzikanten van hun zolders halen en biedt hen een (letterlijk) laagdrempelig podium aan.

Muziekcafé het Warm Onthaal

Ik sprak met Leo Nijhof, initiatiefnemer en eigenaar van het muziekcafé. Aan de gesprekstafel zaten verder Hans de Goede en Arie de Wilde. De Goede is geluidsman en zorgt daarnaast voor de livestream video opnames op Facebook. De Wilde fotografeert de optredens en neemt ook gedeeltelijk het geluid voor zijn rekening.

KLANKGAT: Hoe is de samenwerking tussen jullie drie ontstaan? Kenden jullie elkaar al?
Hans de Goede: Leo en ik kenden elkaar. Toen hij het café overnam, is de samenwerking begonnen. Ik werkte als geluidsman bij muziekcafé Lohengrin en heb ik me als vrijwilliger bij hem aangemeld.

Jij werkte ook als vrijwilliger bij Muziekcafé Lohengrin?
Arie de Wilde: Nee, nee. Hans en ik kennen elkaar van de Lohengrin. Eigenlijk heb ik Hans ontmoet bij de laatste Nightmare Before Christmas in hotel Terminus. Van het een kwam het ander en we raakten aan de babbel. Daarna ontmoetten we elkaar in Lohengrin.

En wat doe jij hier bij Muziekcafé het Warm Onthaal?
Arie: Nou, ik hoorde dat er een nieuw muziekcafe´ was gekomen en ik ging kijken. En daar zag ik Hans staan. Ik fotografeer graag en ging daarmee aan de slag. ik vond deze kroeg een fijne sfeer hebben. En zo is het eigenlijk een beetje gegroeid. Ik ben ook tweede geluidsman.

En Leo, doe jij de programmering?
Leo Nijhof: De gewone bands wel. Hans doet sinds kort de akoestische optredens. Daarnaast hebben we Alex van Etten als derde programmeur. Hij is ook geluidsman. Ik wil zo veel verschillende muziekstromingen, niet één ding. Een zo breed mogelijk publiek bereiken.

Hans: Daar sta ik helemaal achter. Dat probeer ik ook op te zetten met het akoestisch podium op de donderdag. Dat is de eerste aanzet. En nu willen we ook beginnende bands binnenhalen. De beginnende bands komen op de vrijdag.

Muziekcafé het Warm Onthaal
Arie de Wilde (l) en Leo Nijhof van Muziekcafé het Warm Onthaal

Akoestisch, moet ik dan denken aan singer songwriters?
Hans: Onder andere. Maar ook duo’s en trio’s. Het is breder dan singer songwriter.

Hoe bereik je die beginnende bands?
Hans: Ja, hoe bereik je die? Daar zijn we nog steeds op zoek naar. In eerste instantie op Facebook, via posters, via andere kanalen. Het zal toch een soort vorm van mond-op-mond reclame moeten worden.

Leo: Ja, maar als dat eenmaal gaat lopen.

Hans: Ja, precies. Als je eenmaal bekend bent als podium dan draait zich dat om. Dan gaan mensen zich aanmelden.

Leo: Op de zondag hebben we dat al. Dat is tot en met december al helemaal vol.

Hans: Het is wat Leo al zei: diversiteit. Kijken wat er meer is, kijken aan welke stijlen wij een podium kunnen bieden. Eén van de dingen waar ik aan zit te denken, zijn ‘zolderkamermuzikanten’.

Zolderkamermuzikanten?
Hans: Dat zijn mensen die nooit de kans krijgen om op te treden. Omdat ze bijvoorbeeld niet in een band spelen, maar toch heel graag naar buiten willen treden. Toch heel graag willen laten horen waar ze mee bezig zijn. Het is kleinschalig en Het Warm Onthaal leent zich daar uitstekend voor. Spelen in een intieme sfeer.

Leo: Voorop staat dat zij niet bang hoeven te zijn. Ze komen niet voor heel veel mensen te staan maar eerder in een huiskamer omgeving waar toch 70 mensen binnen kunnen. Dat is ideaal voor een opstart. En dan durven ze wel. Ze moeten de kans krijgen. Divers, breed, intiem en laagdrempelig. Dat is het draagvlak van Het Warm Onthaal. Het is de bedoeling dat je het zo open mogelijk houdt, waardoor mensen geen drempelvrees krijgen. Ik wilde altijd al een muziekcafé beginnen. Ik vind het fijn om met muziek bezig te zijn, in combinatie met horeca.

Het Warm Onthaal is nu al langer dan een jaar geopend. De programmering is op sommige punten veranderd. Intussen heeft het muziekcafé een vaste schare aan bezoekers aan zich weten te binden. Bezoekers die vroeger naar de Rode Pimpernel gingen om daar stevige rockblues te horen op de zondagmiddag. Met recht kan je spreken dat Het Warm Onthaal die leemte goed heeft opgevuld,

Studio Cube

Band Battle meer reuring Bossche muziekscene

Studio Cube lanceert tweede editie muziekwedstrijd

Het driekoppig team Studio Cube is begin juni gestart met de tweede editie van de muziekwedstrijd Bossche Band Battle die in het najaar van 2017 op zes verschillende podia in Den Bosch gaat plaatsvinden.
In 2016 werd de eerste Bossche Band Battle gehouden die als een pilot beschouwd kan worden. Het initiatief onderstreept de diepe betrokkenheid van de teamleden van Studio Cube met de muziekscene van Den Bosch.

Band Battle meer reuring Bossche muziekscene

Studio Cube is gevestigd in een voormalige champignonkwekerij in een rustige uithoek van Rossum, gemeente Maasdriel, zonder industrie of druk verkeer in de buurt. Prima condities voor geluids- en muziekopnames.

De studio wordt gerund door een driemanschap: Frans de Visser, Arthur Antoine Theunissen en Luuk Bergervoet. Alle expertise is aanwezig om goede songs en composities te schrijven en uit te werken. Onder andere Gare Du Nord, Lavinia Meijer, Krystl en Ludovique namen bij Studio Cube op. KLANKGAT sprak met Luuk Bergervoet en Frans de Visser.

Band Battle zet Bossche muziekscene op de kaart
Band Battle zet Bossche muziekscene op de kaart

KLANKGAT: Wat is jullie drive om de Bossche Band Battle te organiseren?
Frans de Visser: De reden dat wij de Bossche Band Battle organiseren is dat wij meer reuring willen geven in Den Bosch bandscene. Er gebeurt weliswaar veel in muziek in Den Bosch, maar het is nogal versnipperd.
Bands, locaties en publiek blijven op hun eigen eilandjes hangen, ze ontmoeten elkaar niet meer waardoor de dynamiek tussen deze helaas op een laag pitje is komen te staan.
Daarom organiseren we de Battle over de hele stad om de locaties met muzikanten te verbinden en om mensen bewust te maken dat er wel degelijk iets te beleven valt op het gebied van pop- en livemuziek in de stad.

Vorig jaar de eerste Bossche Band Battle. Dat was een succes, toch?
Frans: Het was de eerste keer dat we zoiets hebben gedaan. We kregen veel aanmeldingen en veel positieve reacties. Het niveau van de bands lag echt erg hoog en op elke locatie was er genoeg publiek. We waren heel blij hoe het was gelopen.

Deze diashow vereist JavaScript.

En nu Band Battle 2017. Zijn er al genoeg aanmeldingen?
Luuk Bergervoet: Binnen een week hadden we genoeg aanmeldingen om van start te kunnen gaan. Dat betekent dat we ons kunnen richten op het ontwikkelen van een topwedstrijd met echt een meerwaarde voor Den Bosch en de bandscene.

Onze jury bijvoorbeeld, bestaat enkel uit mensen die zich in dat beroepsveld bevinden. Hoe tof is het om als band tips en advies te krijgen van mensen die dat pad al bewandeld hebben. Het is mijns inziens ook de enige manier om verder te komen als muzikant.

Daarnaast hopen we op een flinke kruisbestuiving tussen de podia; het is lastig om mensen uit hun vaste omgeving te trekken maar wij hopen dat het publiek van de Azijnfabriek gaat kijken bij P79 en dat de mensen die thuis op de bank zitten eens gaan kijken bij bijvoorbeeld het World Skate Center.

Frans: We hebben niet de illusie dat we dat in een keer kunnen veranderen, maar we kunnen wel het goede voorbeeld geven.

Luuk: Ja, het was een eerste stap in de goede richting. Het ontwikkelen van een nieuwe, georganiseerde scene is iets dat moet groeien in een x-aantal jaar. Wij gaan de Bossche Band Battle in ieder geval elk jaar terug laten komen.

Intussen is deze Bossche Band Battle al aan zijn derde editie toe. Verheugend is dat er in 2018 meer Bossche bands meedingen. Het aantal meldingen voor deze Band Battle is sowieso stukken groter geworden.

Jeroen_Doomernik

Jeroen Doomernik improvisatie ultieme muziek

Jeroen Doomernik is een telg uit een heel muzikale familie

Jazzmusicus Jeroen Doomernik, geboren in Den Bosch, komt uit een heel muzikale familie. “Iedereen doet wel iets met muziek bij ons. Bij ons thuis was alles muziek. Klassiek, jazz, alles. Overal was muziek.”

Jeroen Doomernik

Op jonge leeftijd ging Jeroen Doomernik bij harmonie Glorieux spelen als trompettist. Trompet vond hij het mooiste instrument. “Ik heb daar ontzettend veel geleerd.” Hij leerde liever alle stukken uit zijn hoofd. “Daardoor heb ik leren improviseren.” Na de middelbare school ging Jeroen Doomernik naar het conservatorium.

Jazz speelt een grote rol in de muziekwereld van Den Bosch, zeg maar gerust de hoofdrol. Het grootste en gratis openlucht muziekfestival van Nederland is Jazz in Duketown. Daarnaast is er al een aantal jaren ook jazz geprogrammeerd in het prestigieuze November Music festival. Verder zijn er diverse podia voor jazz zoals Willem Twee concertzaal en de Azijnfabriek. Helaas ontbreekt nog een equivalent van het BIM-huis uit Amsterdam. In deze jazzscene speelt Jeroen Doomernik een cruciale rol, niet in het minst als oprichter van Jazzwerkplaats.

Jeroen Doomernik improvisatie is ultieme muziekvorm
Jeroen Doomernik

KLANKGAT: Jeroen, wat is jouw muzikale achtergrond?
Jeroen Doomernik: Er is veel muziek waar ik niet naar luister en muziek waar ik wel naar luister. En de muziek waar ik wel naar luister, is altijd jazz of jazz gerelateerd. Toen ik zo’n jaar of acht was, draaide mijn vader muziek van Dizzy Gillespie en Stan Getz. Daar is eigenlijk mijn liefde voor de muziek geboren.Naar popmuziek luisterde ik niet zoveel. Ik hield ook meer van zwarte muziek. Blues, soul, gospel, jazz. Miles Davis bijvoorbeeld. Ik heb al zijn elpees nog. Mijn voorkeur ging naar een aantal stromingen in jazz muziek die ik mooi vond. Luisteren naar die muziek en naspelen. Wat mij ontzettend boeide, was improviseren. Het systeem daarachter. Hoe gebeurt het? Hoe kun je nou met je gevoel alle noten spelen die toch goed klinken? Improviseren vind ik de ultieme vorm van muziek.

Is jazz daar het meest geschikte genre voor?
Dat is waar jazz al een eeuw lang over gaat. Het samenspelen, het communiceren van muzikanten in een band en veel buiten de lijnen spelen.

In de jaren ’70 kwam jazzrock op met groepen als Weather Report. Had dat invloed op jou?
Ja. Sowieso alle fusion muziek. Absoluut, ja. Alle mengvormen van muziek hebben mij altijd aangetrokken. Jazz muziek nu is eigenlijk de meest eclectische muziekvorm. Er zitten historische en vernieuwende componenten in.

Deze diashow vereist JavaScript.

Eén van jouw projecten is Jazzwerkplaats dat al zo’n 25 jaar bestaat. Wat doet Jazzwerkplaats?
Jazzwerkplaats is een stichting met als doel de promotie van muziek in Den Bosch. Sinds een half jaar zijn wij gevestigd aan De Tramkade. Wij geven workshops en niet alleen in jazz.
Jazzwerkplaats is al jaren veel breder in opzet. De muziek is wel jazz gerelateerd. We geven naast workshops ook concerten, sessies, lezingen en veel masterclasses. Er is een Zangwerkplaats en vier jaar geleden hebben we de Jazz Academy en JuniorAcademy opgericht.

Jazz Academy?
Dat is voor jonge muzikanten die beroepsmusici willen worden. Het zijn jonge mensen tussen de 16 en 21 jaar die een plek krijgen waar ze dingen kunnen uitproberen. Let wel, het is geen school. Het is een groep die bij elkaar komt om te musiceren.

Wat is jouw rol daarin?
Ik ben hun coach en er zijn ook ander coaches overigens. Maar die jongeren moeten in principe alles zelf doen. Het is hún band. Ik ben hun feedback, schrijf muziek. Maar zij moeten zelf de muzikale problemen oplossen én leren samenspelen. Niet in je eentje drummen op je zolderkamer. Elke dag hier muziek maken en dat dat uitvloeit naar de stad.

Staan er nog nieuwe plannen op stapel?
We hebben in Den Bosch beetje een verloren generatie gecreëerd doordat we de muziekschool sloten. Door een overgroot deel van het muzikale veld en de gemeente Den Bosch wordt momenteel een overkoepelende organisatie ingericht. Het doel is om een Muziekschool 3.0 op te gaan zetten. De gesprekken daarover zijn nu verder dan ooit.

Jeroen Doomernik heeft nog meer pijlen op zijn boog. Sinds 2003 doet hij de jazz programmering voor Willem Twee concertzaal voorheen De Toonzaal. Voor Tivoli Vredenburg in Utrecht zette hij een groot talent ontwikkelingsproject op. Jeroen Doomernik is verder bandleider van het Brabants Jazz Orkest.


Jeroen Doomernik
Jeroen Doomernik

De JazzAcademy is een broedplaats voor jonge, getalenteerde Jazzmuzikanten, opgezet door Jeroen Doomernik vanuit de Stichting Jazzwerkplaats Den Bosch. Het is geen school in de traditionele zin. Het is een ontmoetingsplaats en werkplaats voor jonge, ambitieuze muzikanten die echt verder willen in de muziekpraktijk, of dat in ieder geval hier willen onderzoeken. Gedurende minimaal een jaar krijgen deelnemers de kans om kennis te maken met allerlei facetten van de muziektheorie en -praktijk en hun vaardigheden daarin te ontwikkelen. Jeroen Doomernik: ‘Belangrijke motto is daarbij: Leren van elkaar, door te doen!’

De JazzAcademy wordt op structurele basis professioneel gecoacht door Jeroen Doomernik, maar ook vooraanstaande musici als Eric Vloeimans en Paul van Kemenade hebben hun medewerking verleend.

Podiumervaring opdoen en dus het verzorgen van optredens is een wezenlijk belangrijk aspect, vindt Jeroen Doomernik. Hierbij richt de JazzAcademy zich op de stad en de regio en slaat ze nadrukkelijk een brug naar jongeren, scholen, lokale culturele partijen, podia en festivals. Zo wordt samengewerkt met Jazz In Duketown, Verkadefabriek, Willem Twee poppodium en Willem Twee concertzaal.

Kortom, Jeroen Doomernik is van vele markten thuis en natuurlijk staat hij op vele podia in het land te spelen en vooral te improviseren. Jeroen Doomernik is een enthousiaste workshopleider met een ruime ervaring in het organiseren en leiden van jazzworkshops.

Dukebox productiehuis

Dukebox productiehuis voor Urban en Hip Hop

Interview met Bart van Velzen van Dukebox

Dukebox, productiehuis voor urban & hiphop in 073

Dukebox is een productiehuis voor urban en hip hop. Een koepelorganisatie en werkt bijvoorbeeld samen met Bossche urban initiatieven als Newskoolfest en Cypher HQ. KLANKGAT interviewde aanjager en aanspreekpunt Bart van Velzen, een man met de nodige drive om van Dukebox een succesverhaal te maken. Dukebox een homebase voor iedereen die actief is in de Bossche urbanscene die volop leeft. Uitverkochte hiphopfeesten en festivals, zelfstandige breakdancescholen met meer dan 150 leerlingen, urban professionals die als artiest én docent heel het land doorreizen tot steeds meer legale muren voor street art! Dujebox is trots op deze ontwikkeling en brengt de scene samen om gezamenlijk tot the next level te komen.

KLANKGAT: Hoe ben je in de hip hop scene beland?
Bart van Velzen: Ik ben nu drie en dertig jaar en op mijn vijftiende begon ik zelf met rappen. Ik heb altijd al een voorkeur gehad voor Nederlandstalig. Toen ik in Den Bosch kwam wonen merkte ik dat er vrij weinig te doen was hier op het gebied van hip hop.
Ik ben toen Flowiezo! gaan programmeren in de Willem Twee, dat waren hip hop avonden. Daar kwam bijvoorbeeld DAC, Jiggy Djé, Opgezwolle, Pete Philly, eigenlijk iedereen die het er toen toe deed.

Dukebox productiehuis voor Urban en Hip Hop
Bart van Velzen, Dukebox

Dat waren voor mij persoonlijk de hoogtijdagen van de Nederlandse hip hop omdat het muzikaal was met inhoudelijk sterke teksten. Nu mis ik soms wel de muzikaliteit. Waar vroeger chemie was tussen een rapper en een producer wordt het nu vaak overgeproduceerd.

Wat doet Dukebox? En wat is jouw rol hierin?
Dukebox is een productiehuis voor urban en hip hop. Een koepelorganisatie en werkt bijvoorbeeld samen met Bossche urban initiatieven als Newskoolfest en Cypher HQ. Dukebox wil graag alle facetten van hip hop samenbrengen en is vooral op zoek naar vernieuwing en nieuwe invalshoeken en wil daarbij de eigen identiteit van de samenwerkende partijen behouden.

Dukebox gaat nu ook een schrijf-en schetskamp organiseren. Dat doen we in samenwerking met ons provinciale netwerk zoals Koninkrijk van Muziek, To The Max, Zero73.com, Vreemt en Silverman Designs.
Het wordt een soort kamp zoals bij New Wave waar rappers met producers aan de slag gaan. En we hebben ook besloten om er illustratoren aan te koppelen om het multidisciplinair te maken en die gaan dan een weekend inspiratie op doen voor een beeld.

We hebben gisteren een naam bedacht, het gaat “Vuist” heten. Dat staat voor de vijf grote steden in Brabant. Die staan elk voor een vinger en als je die samenbalt dan heb je een vuist. We trekken er vier dagen voor uit met drie disciplines, producing , rap en art. We gaan ook 2 masterclasses geven, gericht op elke discipline.

Dus ik jaag het aan. Ik faciliteer het en zorg voor de financiën en Bing Berendsen van Koninkrijk van Muziek en die jongens zoeken de talenten erbij waar ze mee gaan werken.

Deze diashow vereist JavaScript.

Rappers waren vroeger vaak zwarte artiesten, op de Beastie Boys en Eminem na. Hoe is dat nu? En kun je ook iets zeggen van het publiek dat naar hip hop luistert? Hier in Den Bosch bijvoorbeeld?
Toen de Nederlandse hip hop piekte, met rappers als Sticks, Diggy Dex en Extince was het juist weer wat meer blank. Nu zie je dat het juist weer wat diverser wordt en weer wat meer van de straat. Daardoor zie je ook weer wat meer verscheidenheid in publiek, ook wat betreft man vrouw.
Zo zie je dat een festival als het Newskoolfest uit alle hoeken van Den Bosch weer mensen naar het centrum trekt en ook vooral weer meer jongeren die normaal gesproken wat meer in hun wijk zouden blijven. En dat is een positieve en interessante ontwikkeling. Zeker ook voor Dukebox.

Wat zijn de plannen van Dukebox op korte termijn?
Belangrijk om te vertellen is dat Dukebox werkt met drie P’s, namelijk: Platform, Projecten en Plek. Dukebox gaat twee urban performances doen. Daarbij willen we ook andere sectoren buiten de urban scene betrekken, vandaar dat we ook gaan samenwerken met Cello en Werkwarenhuis/Social Label.

Tijdens de Kunstnacht en in de herfstvakantie gaat Dukebox een spoken word evenement lanceren in samenwerking met de bieb en dat heet “Woordlustig”. Hierbij hebben we ook een platform functie waarbij we lokale talenten gaan scholen op het gebied van spoken word.

En we maken ons ook hard voor een plek. We zijn in gesprek met de gemeente om dat productiehuis van en voor Dukebox te verwezenlijken.