Silbersee

Silbersee Homo Instrumentalis onorthodox muziektheater

De relatie tussen mens en machine uitgebeeld, schrikbeeld of geschenk?

Silbersee is een Nederlandse productiekern voor onorthodox muziektheater en experimentele opera, onder leiding van Romain Bischoff. De uitvoering was in de Verkadefabriek op 5 november 2017.

Silbersee: Homo Instrumentalis

Het hoofdthema van de voorstelling Homo Instrumentalis van theatergroep Silbersee is de relatie tussen mens en machine door de tijd. In het verre verleden, het verleden dat kort achter ons ligt, het nu, en de mogelijkheden voor de toekomst.

Voorafgaand aan de voorstelling van Silbersee was er een discussie over dit onderwerp, over hoe robotisering (in een zeer brede betekenis van het woord) de mens kan helpen. Conclusie was dat hoewel er realistische dreigingen zijn er ook enorme kansen zijn om ons leven ten goede te veranderen. Dit werd ondersteund met het voorbeeld van een violiste die door een ongeluk haar onderarm was kwijtgeraakt, maar die door een slim mechaniek toch weer kon spelen. Ook de positieve invloed van robotisering op moeilijke hartoperaties werd besproken. Zoals van tevoren werd uitgelegd is Homo Instrumentalis een theaterstuk dat in vier delen uiteenvalt.

Silbersee: Homo Instrumentalis
Silbersee: Homo Instrumentalis – © Caroline Seidel

Het eerste deel wat in oud Griekse stijl werd uitgevoerd, was geïnspireerd op de Antigone van Sophocles waarin de lof van de rede van de mens die de natuur aan zich onderwerpt werd bezongen. Vier dames die aan Kariatiden deden denken zongen dit stuk a capella. De zang vergde meteen wel veel van het publiek, onverstaanbare teksten met veel prr-, klik- en sis-geluiden, die gelukkig wel op de achtergrond in meerdere talen werden geprojecteerd. Scheurende dissonanten, die dan toch goed met het thema harmonieerden.

Het tweede deel behandelde de mens in de fabriek, tot onderdeel van de grote machine geworden en gereduceerd tot iets onbetekenends. Met elektronische muziek en het meteen electronisch omvormen van de zangstemmen en audiovisuele hulp werd het onverdraagzame van dit bestaan indringend uitgebeeld. De snerpende klanken, het geluid van ijzer op ijzer, brachten een indringende boodschap over.
Daarbij werd ook gedanst, break dance bewegingen werden er bij gehaald, en de vermorzeling van de mens werd aangrijpend uitgebeeld door de mensen die onder het projectie scherm kwamen te staan en erdoor leken te worden platgedrukt.

Het derde deel concentreerde zich op het nu en hoe de mens langzaam tot een cybernetisch organisme aan het verworden is. Computertaal, ben ik een mens, kan een machine een mens zijn, is een mens een machine, het inspireerde tot wat filosofisch denkwerk. Het verenigen van mens en machine werd uitgebeeld door klanken die de zangeressen live zongen, waarvan je je afvroeg hoe een mens dit kan, en hoe men dit complexe geheel van razendsnel afwisselende stemmen en dialogen zo perfect had weten in te studeren. Tegelijk werd dit ook nog eens in de dans uitgebeeld: mensen die robot achtig gingen bewegen, robots die mensachtig gingen bewegen. In deze voorstelling bewijst Silbersee dat het recht doet aan de claim van onorthodox muziektheater.

Silbersee: Homo Instrumentalis - © Caroline Seidel
Silbersee

Het vierde en laatste deel ging op zoek naar de toekomst. Tussen de sterren doorreizend in een scene die vaag aan het einde van de science-fiction film ‘A Space Odyssey’ van regisseur Stanley Kubrick deed denken doemde in de verte een rood licht op. Het punt Omega wellicht, zoals Pierre Teilhard de Chardin dat had bedoeld. Een punt vol goede beloften.

Al met al was Homo Instrumentalis van Silbersee een spektakel waarvan ik me afvroeg hoe mensen het voor elkaar krijgen om het ingestudeerd te krijgen. De razendsnelle en complexe dialogen, de snelle wisselingen in acties. Ik voelde door mijn emoties heen hoe naar het leven geweest moest zijn van de fabrieksarbeiders, hoe uitzichtloos. Maar bovenal voelde ik me ook hoopvol. Wij mensen zijn nu eenmaal een soort die al bijna zijn hele bestaan lang machines maakt. Er gloort ook hier vast een goede toekomst.


Over Silbersee

Silbersee is een productiekern voor onorthodox muziektheater en experimentele opera. De directeur en artistiek leider van Silbersee is Romain Bischoff. Behalve zanger en dirigent is hij initiator en aanjager van interdisciplinaire creaties. Vernieuwing, onderzoek en risico’s nemen zijn voor hem basisbehoeften. Onder al zijn werk ligt de overtuiging dat muziektheater en opera niet voor insiders zijn bedoeld, maar thuishoren op een breed podium.

Foto’s: Caroline Seidel

John Zorn, Madrigals book I & II in de Grote Kerk

De uitersten van de menselijk stem verkend op festival November Music 2017

Uitvoering Madrigals book I & II van John Zorn op 4 november 2017 in de Grote Kerk

Madrigalen
Madrigalen zijn seculiere composities voor een aantal stemmen dat varieert van twee tot maximaal acht. De zang wordt niet door instrumenten begeleid. Oorspronkelijk zijn Madrigalen in Italië ontstaan. Ze hebben een vrij lange geschiedenis van ontwikkeling, waarbij ze in de Renaissance een hoogtepunt kenden.

De Amerikaanse John Zorn heeft diverse Madrigalen geschreven. Zijn boeken I en II werden in de Grote Kerk door zes zangeressen uitgevoerd. Zijn Madrigalen kenmerken zich door een hoog tempo van afwisseling in klanklijnen en ontwikkelingen van akkoorden, waarbij wringende dissonanties en prachtige Renaissance aandoende klanken elkaar opvolgen en balanceren.

Dat leidde tot een uitdagende structuur waarin de rust van het bekende snel wordt onderbroken door de onverwachtheid van het onbekende. Soms doen de akkoordstructuren aan de muziek van Philips Glass denken. Luistert u maar eens naar diens filmmuziek KOYAANISQATSI.
Maar John Zorn neemt het een stuk verder, de loopjes zijn sneller en virtuozer zodat er een nieuw klankbeeld ontstaat. De zes stemmen creëeren wonderlijke samenklanken door vlug na elkaar tonen van complexe akkoorden in te zetten, op zo’n manier dat er een stuwende cadans ontstaat, die je als luisteraar meesleurt in een feest van wat de menselijke stem kan bereiken.

John Zorn, Madrigals book I & II in de Grote Kerk
Grote Kerk op Kerkplein

Zuiverheid
Dit vereist wel uiterste zuiverheid in de uitvoering en een zeer ontwikkeld ritmisch samen zijn. Vandaar dat de zangeressen ieder voor zich om de minuut een stemvork tegen het oor hielden. Het resultaat was daarmee een briljante uitvoering waarvan ik me regelmatig afvroeg of er niet toch stiekem een synthesizer in het spel was.
Maar nee, de dames zongen onversterkt en vulden met hun stemmen de hele kerkzaal. Ook de leiding over het sextet wisselde voortdurend, telkens gaf een andere zangeres een teken dat een strofe voorbij was of dat er een inzet moest komen, waarna die zeer goed gecoördineerde werd uitgevoerd.

Dit was een prachtige gelegenheid om kennis te maken met Zorn’s muziek, en de aanwezigen waren terecht vol lof. Ikzelf werd meegevoerd op de stroom van zich ontwikkelende akkoorden, supersnelle loopjes en altijd aanwezige cadans. Een ervaring uit een andere wereld.

Een puntje waaraan denk ik gewerkt zou kunnen worden was de verstaanbaarheid van gesproken taal. Dat werd zonder versterking gedaan en zowel de aankondiging van wie de dames waren als een stuk voorgedragen tekst tijdens de uitvoering was alleen maar op de voorste rijen te verstaan. Wellicht zaak om bij volgende optredens te overwegen.

George Kush

George Kush Trio hip hop geflambeerd met flamenco

Jong publiek reageert enthousiast op dansbare muziek van de band en stonden de voorste rijen niet stil

Het George Kush Trio trad donderdag 26 oktober in de Willem Twee toonzaal op met vier man. Als dj Jordi ook was gekomen, dan zou de band het George Kush quintet hebben moeten heten. Het wordt nu, zonder dj, een akoestische set met zang, twee gitaren en een cajón.

George Kush trio

George Kush trio
George Kush trio in de Toonzaal

Joris Branderhorst aka George Kush (zang)
Jurijn Branderhorst (gitaar en zang)
Koen Klijsen (cajón)
Wout van der Sanden (gitaar en zang)

Kampvuur

George Kush Trio
Joris Branderhorst aka George Kush

Het verhaal gaat dat het George Kush Trio rondom een kampvuur is ontstaan. De rap van Joris en de flamenco uit Jurijns gitaar smolten samen in dat vuur. Die symbiose en dat kampvuur gevoel brachten ze mee naar de foyer van Willem Twee concertzaal.

De hip hop van George wordt ondersteund door de backing vocals van zijn drie kompanen. Af en toe wordt de leadvocal van George overgenomen zoals bij een nummer over bommen op Irak dat door Wout van der Sanden wordt gezongen.

Het publiek is jong en reageert enthousiast op de muziek van de band en de teksten van frontman George Kush. Bij de dansbare nummers staan de voorste rijen dan ook niet stil. In de pauze is er even tijd voor een kort interview.

Toonzaal
jong publiek

KLANKGAT: Sommige van jullie nummers zijn duidelijk beïnvloed door Spaanse muziek, gitano. En daar komt Nederlandstalige hip hop over heen. Hoe is dat zo ontstaan?
George Kush: Als producer maakte ik alleen instrumentale muziek en ik vroeg Jurijn of hij stukken gitaar wilde toevoegen aan mijn beats. Wij zijn een dag de studio ingedoken en daar kwam een heel nieuw nummer uit tevoorschijn. En dat is eigenlijk de eerste stap naar het George Kush Trio.
Jurijn: Het komt ook omdat ik in die tijd bezig was met flamenco muziek vanuit mijn klassieke gitaar studie. Die muziek wilde ik graag doordrukken in de creativiteit van George en dat is goed gelukt.

Hebben jullie veel naar Spaanse hip hop geluisterd?
George Kush, Jurijn, Wout: Nee, nee, nee. Nog nooit.
Koen: Ik persoonlijk wel, maar ik denk dat onze sound niet per se te koppelen is aan Spaanstalige hip hop. Het is bij ons toch meer een mix van singer songwriter en hip hop.
George: Het is nooit zo geweest dat we bewust deze kant zijn op gegaan. Het is min of meer toevallig gebeurd. Ik was met hip hop bezig en Jurijn met flamenco.

Jullie sound is uniek
Jurijn: Dat jij zegt dat het uniek is, daar hebben wij ook mee geworsteld, in welk genre onze muziek past. Daar zijn wij zelf heel lang niet uitgekomen, nog steeds eigenlijk. Bij veel optredens kregen we te horen in welk genre wij eigenlijk thuishoren.


Het is toch niet erg als je wat ongrijpbaar bent?
Jurijn: Juist niet. Wij hebben tegen elkaar gezegd ‘We doen ons ding en we horen wel welk genre het is. We gaan onszelf niet in een hokje stoppen’.
Wout: Als je kijkt wat we aan muziek op onze computers hebben staan dan zie je daar de hele wereld op een lijstje. De zo verschillende muziek die wij individueel beluisteren, brengen we mee naar George Kush Trio. En dat hoor je in onze sound. De een luistert naar hip hop, de andere naar Arabische muziek, reggae, dub, dramatische muziek. We pakken overal iets mee en dat proberen we ons eigen te maken.

Benjamin Fro is relaxter dan een zitzak

Fro is een filosofisch rapper die hiphop muziek maakt

Zoals het hoort bij de Popronde begint vrijwel iedere band iets te laat, het Brabants kwartiertje treft ook Benjamin Fro. De vierkoppige band ‘The Theory of Justice’ staat achter de Amsterdamse rapper Fro (Adam Bais). Letterlijk, het podium waar ze optreden past maar net in de Palm dus ruimte om naast elkaar te staan is er amper. Benjamin Fro omschrijft zichzelf als filosofisch rapper die hiphop muziek maakt. Geen woord van gelogen, maar hij doet veel meer dan dat.

Het optreden
Fro is in Nederland nog niet zo bekend, hoewel de Palm vrij vol is zijn er daarom nog een paar plekjes vooraan. Toch zijn er duidelijk fans binnen: zodra de openingstrack ingezet wordt, springt een groepje meisjes meteen op. De eerste danspasjes zijn al gezet voor de rapper goed en wel kan beginnen. Hij start met ‘The Light’, van het album ‘Praten Over Leven’. Een chille plaat met lekkere beats en pianoklanken die je niet direct verwacht bij hiphop. De muziek bevalt goed, zo veel is duidelijk, de lege plekken vooraan zijn binnen no time gevuld.

Benjamin Fro
Benjamin Fro

Er hangt een ontspannen sfeer op het podium die verraadt dat dit niet hun eerste optreden is. The Theory of Justice geeft op bas, elektrische gitaar, drums en keys een heerlijke aanvulling op de raps van Fro. Soms zijn die dromerig, soms hard. De klassieke hiphop krijgt op dit podium een creatieve verbreding door synths en jazzy toetsen. Het doet denken aan een collab van Pete Philly & Perquisite en Chef’Special op hun eerste album.

Hoe meer het publiek hoort, hoe meer ze meegenomen geworden door de vibe die Fro uitstraalt. Alles lijkt moeiteloos te gaan voor deze Amsterdammer. Al snel blijkt dat hij ook humor heeft. Tussen twee nummers door promoot hij de sales van zijn nieuwe plaat: “Je kunt m’n album ook kopen, geef wat je wil. Het kost drie euro om ‘m te maken, dus als je 2,50 geeft ben je wel een beetje een eikel.” Het publiek lacht hartelijk met hem mee.

Benjamin Fro nadert het eind van zijn set: “Oké dan, hebben jullie zin om een feestje te bouwen?” Een redelijk enthousiast ‘yeah’ volgt. Fro antwoordt gevat: “Ik heb het idee dat rappers dingen altijd twee keer moeten vragen. Hebben jullie zin om een feestje te bouwen?” Na een volmondig ‘ja!’ van het publiek eindigt hij met het nummer ‘Real Man’.

Benjamin Fro
feestje bouwen

Achteraf
Na het optreden zoek ik Fro op voor een kort gesprek. Ik vraag hem naar het optreden, zijn inspiratie en bekendheid.

KLANKGAT: Is dit het kleinste cafe waar je ooit gespeeld hebt?
Fro: “Vorige week zaterdag was ik in Almere. Ik denk dat dat het kleinste zaaltje tot nu toe was.”

Kan ik me voorstellen, hebben ze überhaupt grote zalen in Almere?
Geen idee, maar ik wil niet heel Almere op mijn nek hebben. [lacht]

Wie is op dit moment je inspiratie?
Een rapper, Odyssey, die heb ik toevallig eergisteren ontdekt. Hij maakt hiphop met een liveband. Het is super soulvol, en combineert de oude hiphop van de jaren ’90 met die van nu. Dat probeer ik ook, een combinatie van relaxt en opzwepend.

Internationaal ga je best wel lekker, maar in Nederland ben je nog niet zo groot. Waar denk je dat dat aan ligt?
Ik sta inderdaad in Duitsland en Italië in de New Music Friday [op Spotify, red.]. Dat heeft voor het nummer The Park 40.000 streams opgeleverd. Ook in Polen, Denemarken en Zwitserland gaat het goed, daar word ik op de radio gedraaid. Sowieso zijn ze in het buitenland vaak een paar jaar eerder dan hier. Dat ligt aan internet denk ik. Je hoeft minder te doen dan vroeger om muziek aan andere kant van wereld te krijgen. Als je ineens opgepikt wordt, kan het snel gaan.

Fijne avond, bedankt voor je optreden!


Beeld: Benjamin Fro – The Light

Amber Gomaa verbindt de Muzerije tijdens Popronde

Een echte muzikant die houdt van live optredens

Amber Gomaa, die na haar tijd als zangeres bij Jett Rebel voor zichzelf is begonnen, komt vanuit Amsterdam Den Bosch voorzien van haar muziek tijdens Popronde. Het podium, een mooi ingerichte Muzerije en zo’n 80 man staan klaar voor Amber Gomaa’s optreden. Tijdens de soundcheck straalt het plezier al van haar af.

Amber Gomaa verbindt de Muzerije tijdens Popronde

De opening van haar optreden gaat gepaard met de aanzet van langzame drums. Dan begint Amber met zang en later volgen er akkoorden op toetsen. Ambers outfit betreft een mooie blouse vol glitters met een sexy leren legging. De muziek luistert makkelijk weg en zet een dromerige sfeer neer met een fijne pop-factor. Na Ambers eerste lange uithaal is te merken dat het publiek onder de indruk is.

De band
De band bestaat uit een drummer, een gitarist, een toetsenist, en Amber zelf, die de vocals verzorgt, maar ook klaar zit achter de toetsen. Tijdens het nummer Girlfriend is te merken hoe goed de band op elkaar is ingespeeld. Los van het feit dat Amber goed kan zingen, is ze ook een sterke bandleider. De bandleden hebben hun ogen continu op Amber of op elkaar, zodat ze ook tijdens de geïmproviseerde jamstukken precies weten wanneer welke overgang komt.

Ondertussen is het drukker geworden in de zaal en vermaakt zo’n 100 man zich uitstekend. De gitarist stond in mijn beleving wat zacht qua volume, maar dit kan de bedoeling zijn geweest. De toetsenist speelt een vette solo op zijn synthesizer die mijn aandacht grijpt. Later in de set valt de creativiteit van de drums me op. Bijna alleen de hi-hat wordt gebruik met erg vlugge tikjes, zo af en toe afgewisseld met zwaardere geluiden van de tonnen. Het past ook opmerkelijk goed bij het nummer.

Amber Gomaa verbindt de Muzerije tijdens Popronde - Marjolein Tap Studio MT
Amber Gomaa

Amber performt
Amber kan duidelijk performen. Tijdens het zingen straalt ze aanstekelijke energie uit en maakt bewegingen die aansluiten op de tekst. Het is fijn en volgbaar. Tijdens een lange hoge uithaal sta ik ervan versteld hoe mooi zang eigenlijk kan zijn. Zelf luister ik niet vaak aandachtig naar zangeressen, maar dat gebeurt nú. Het is alsof ze van zichzelf een instrument maakt, dat ze maar al te goed bespeelt.

Nummers met verhaal
Amber vertelt dat het nummer Valentine’s Street over haar fijne huis in Amsterdam gaat. Times Are Changing wordt sterk ingeleid met een praatje. ‘Het enige dat altijd hetzelfde blijft, is dat alles altijd verandert’ zegt Amber. ‘Als ik me wel eens klote voel, dan probeer ik daar altijd maar aan te denken’. Hier vind ik persoonlijk veel herkenning in. Het nummer zelf wordt ook sterk uitgevoerd, er zit veel opbouw in. Ook hoor ik een vet stuk van de gitarist, dat ik graag op iets meer volume had gehoord. Het applaus dat luider klinkt dan normaal, bewijst voor mij dat er een soort verbondenheid is door het nummer.

Laatste nummer

Het laatste nummer heeft een erg vette gitaarlijn. Het zit tussen funk, rock en pop in. Het is niet alleen dansbaar, er wordt hier en daar ook echt gedanst. Amber houdt een welgemeend praatje waarin ze iedereen bedankt, terwijl op de achtergrond de instrumenten nog even doorgaan. Het was een zeer goed optreden, waarbij verschillende elementen die ik in muziek waardeer voorbij kwamen: instrumentale kundigheid, verhaal, herkenning, dansbaarheid, performance en verbinding.

Amber Gomaa verbindt de Muzerije tijdens Popronde - ©ronaldrijken
Amber Gomaa Times Are Changing

Achteraf
Die verbinding is na het optreden goed te merken ook. Ik kom veel mede Jett Rebel fans tegen waarmee ik bijpraat. Ook met Amber kan ik fijn praten over het optreden en haar muziekcarrière. Dat dit in de Muzerije plaatsvindt, is voor mij extra leuk. Het is een plek waar ik wekelijks erg graag kom maar dan in normale setting. Al snel is het me duidelijk hoe hard Amber werkt en hoe leuk ze live optreden vindt: een echte muzikant.

Foto’s: Ronald Rijken (KLANKGAT) en Marjolein Tap (Studio MT)

The Howlin' galmt door Popronde Den Bosch

The Howlin’ galmt door Popronde Den Bosch

Aardse powersoul van een rockband

De soundcheck van The Howlin’ in de Muzerije duurt kort. De band heeft gelukkig niet veel tijd nodig. De akoestiek in de zaal is matig tot soms slecht. Er zingt een galm rond die van alle kanten maar vooral vanaf het plafond recht op je afkomt. Dat stoort mij bij het slotnummer van de groep Dandelion. Ik kan dat nummer nog net meepikken. The Howlin’ staat bij Popronde Den Bosch na Dandelion geprogrammeerd en is de band waar ik voor kom.

Alternative & hip hop
The Howlin’ uit Amsterdam bestaat eigenlijk uit zes leden, maar deze avond traden alleen Joel Gaerthe (vocal), Nick Kroes (gitaar), Bill Mookhoek (bas) en Isai Reiziger op de drums aan. Een duidelijke reden voor de afwezigheid van Tess Gaerthe (backing vocal) en Joel Dieleman op de toetsen werd niet gegeven door frontman Joel Gaerthe.

Sommige leden van de band komen uit de hip hop scene. De anderen zweren bij Alternative. Hoe het ook zij, toen ik de eerste noten van de band hoorde tijdens de soundcheck, wist ik het meteen. Soul, het is soul maar dan soul van de harde school, rocksoul, powersoul. Soul waar je het heel warm van krijgt.

De podiumact van Joel Gaerthe
De band zet meteen sterk aan met Joel Gaerthe als een echte entertainer die de aandacht opeist met zijn raspende stem en zijn opmerkelijke podiumact.

The Howlin' galmt door Popronde Den Bosch - ©ronaldrijken
Joel Gaerthe

Die act ziet er als volgt uit. Joel haalt met zijn linkerhand de microfoon van de standaard en begint aan een stapvoets loopje. Hij zingt rechtop met zijn hoofd wat gebogen. Joel stopt na enige stappen, draait zich om en loopt schuifelend met gebogen bovenlichaam terug naar de microfoonstandaard. Hij pakt de standaard vast met zijn rechterhand en blijft daar staan met zijn bovenlichaam nog steeds gebogen.
Vervolgens loopt hij in die kenmerkende tred weer rechtop in de andere richting maar nu met de microfoon in zijn rechterhand. Weer zingt hij met gebogen hoofd of opgericht en herhaalt zijn act maar dan in spiegelbeeld.

Terwijl ik naar de band luister, pijnig ik mijn hersencellen af waar ik deze podiumact al eens eerder heb gezien. Was het bij James Brown, the Godfather of Soul, of een andere icoon uit de gouden jaren van de soul? Maar Brown stortte zich neer op het podium en dat doet Joel niet. Ik kom er niet helemaal uit en besluit het maar te laten wat het is: een act van Joel Gaerthe.

The Howlin' galmt door Popronde Den Bosch - ©ronaldrijken
Ballads & rocksoul

Ballads en rocksoul
De band speelt nummers van de EP This Road uit 2016. Maar het geluid van de band klinkt live wezenlijk anders dan op hun albums. Meer rock, aardser, mannelijk. Op de EP zijn de backing vocals te horen van Tess Gaerthe en de keyboard van Joel Dieleman. En die geven de sound een lichtere toets, meer mellow alternative.  Zonder hen is de band agressiever en dat heeft zeker invloed op het spel en de toon.

Vooral door het slagwerk van drummer Isai Reiziger deze avond. Hij slaat zwaar aan met een strakke beat die telkens net even wat langer aanhoudt door de nagalm akoestiek in de zaal van de Muzerije – dat is dan weer mooi meegenomenl. Beat en sound worden daardoor versterkt en dat werkt in het voordeel van de band. Het was heel hoorbaar in de rustigere nummers en dat geeft de ballads net die extra lading. Vooral als gitarist Nick Kroes weer eens uithaalt met zijn solo’s.

Ballads vind ik vaak storend bij optredens want die halen de ’schwung’ er uit. Maar deze keer is er geen gevaar van inkakken bij het publiek. Het gaat te ver om te zeggen dat The Howlin’ beter af is zonder keyboards en backing vocals, maar Joel is musicus genoeg om deze optie ook te overwegen. Soul met een traditionele rock bezetting: bas, gitaar, drums en zang. Het werkt.

Het publiek heeft in ieder geval geen moeite met het ontbreken van die twee bandleden. Het reageert enthousiast en een flink deel danst op de snellere nummers die de band vooral pas aan het eind speelt. En dat is weer jammer.

Camp High Gain in Plein 79 Popronde 2017

Punkrockband Camp High Gain geeft meteen vol gas

Showtime
Het is al half negen geweest als we de klanken horen van Cypres Hill met I Wanna Get High. Dat blijkt het startsein te zijn voor het optreden. De mannen betreden het podium.

Het Plein is al aardig volgestroomd met belangstellenden voor de punkrockband Camp High Gain, waarvan er een aantal al goed bekend zijn met de muziek van deze heren.
Het zijn door de wol geverfde muzikanten die hun sporen verdiend hebben in onder andere de legendarische Bossche Punkband Undeclinable Ambuscade, zanger / gitarist Helmer en drummer Jorg, die ook niet onverdienstelijk tweede stem zingt. Gangmaker en bassist Koen Fu speelde in een vorig leven bij Beef en Gotcha.

Vol gas!

Met No Dead Ends wordt afgetrapt en het is gelijk vol gas! Punkrock zoals het bedoeld is, hard, snel en kort, net onder de 2 minuten.
De tweede stem van drummer Jorg is zeker een toegevoegde waarde waardoor de zang net iets meer body krijgt. De stem van leadzanger en gitarist doet me af en toe denken aan Dexter Holland van The Offspring.

Outro’s
Opvallend zijn de outro’s na een aantal nummers, mede doordat ze door Helmer zelf handmatig aangezet worden via een I-pod of telefoon die op de versterker ligt. Soms horen ze er ook gewoon bij, bij Modern Day Slavery bijvoorbeeld, zoals het ook op het album te horen is. Maar Für Elise van Beethoven als outro zag ik even niet aankomen.

Koen Fu
Goed gemutste bassist Koen schreeuwt af en toe wat de zaal in, zonder microfoon, want die wilde hij niet, dus is het niet allemaal te verstaan. Ach die microfoon zou hem ook alleen maar in de weg staan, want hij zwiert voortdurend met zijn bas alle kanten op. Hij staat zichtbaar te genieten als hij voor zijn verjaardag toegezongen wordt door het publiek.

Het voorlaatste nummer Never Restrain begint relatief rustig en doet me denken aan The Foo Fighters maar knalt er dan weer keihard in. Na het uptempo middenstuk eindigt het weer in het melodieuze halftempo van het begin. Daardoor vind ik dit het meest dynamische nummer van de set. Het optreden wordt in stijl afgesloten met The Alternative, hard, snel en kort!

Camp High Gain in Plein 79 Popronde 2017
Camp High Gain geeft vol gas

Punkrock leeft!
Fans van Undeclinable Ambuscade zullen Camp High Gain ook zeker kunnen waarderen. Maar waar in de Willem Twee wel een flinke moshpit ontstond bleef die hier uit. Terwijl de band zich flink in het zweet werkt en hun muziek er zich wel degelijk voor leent. Misschien heeft er nog te weinig bier gevloeid op dit vroege tijdstip. Maar één ding is zeker, punkrock is nog lang niet dood. Nog niet een beetje.

Was je er niet bij? Dan heb je wat gemist, maar acht en twintig oktober krijg je een herkansing tijdens het Duketown Rebel Fest bij Willem Twee in Den Bosch.

Clint Eastbird dikke EP release in Plein 79

EP Everything in This Neighbourhood

Clint Eastbird release EP ‘Everything In This Neighbourhood’ in Plein, Den Bosch. Genre: Indiepop, Alternatief
Plein 79 stond zaterdag 23 september echt helemaal vol. De band kwam op en er was meteen veel gejuich. Met een dromerige arpeggio op gitaar werd een sfeer geschept. De band bestaat uit een drummer, bassist, gitarist, toetsenist en zanger/frontman Djurre van Dijck. Er stond een gitaar voor hem klaar. Er was nog geen zang in het nummer, maar je zag Djurre opgaan in de muziek. Daarin merkte je gemeendheid en dat zie ik graag terug in muziek.

Muzikaal sterk
Gedurende de eerste nummers valt het me meteen op dat de drummer, Liam Gruijters, onwijs goed is. De drumstijl bevat erg veel fills, variërend van korte supersnelle sneaky tikjes met veel hi-hats tot luidere fills en opbouw met de tonnen, alles continu strak. ‘Thanks jullie zijn nu al fucking master.. nu wij nog.’ Zegt Djurre door de microfoon na een enthousiast applaus te hebben ontvangen.

Clint Eastbird dikke EP release in Plein 79
EP release in Plein 79

Djurre pakt zijn gitaar en neemt de akkoorden over, waardoor de gitarist een lekkere solo kan spelen. De drummer werkt ondertussen aan een opbouw waarin de gitaar meegaat. Het wordt steeds verder opgebouwd en krijgt een soort psychedelische vibe, terwijl het tempo versnelt en met een goeie eindknal komt het nummer ten einde. Het publiek is hier duidelijk enthousiast over, te merken aan het luide applaus en gejuich. Terecht want muzikaal is de band duidelijk sterk.

Stage death
Omstemmen kan wel eens voor een zogenaamde ‘stage death’ zorgen, waarbij een band door een te lange stilte de aandacht van het publiek verliest. Dit wordt goed voorkomen doordat de toetsenist sfeer blijft behouden door rustig wat noten te spelen. Dit getuigt van veel ervaring in optredens en goed voorbereid zijn. Er wordt een kort praatje gehouden, waaruit blijkt dat er hard is toegewerkt naar dit moment.

Tijdens het nummer Long Ago valt het me op hoe strak de gitaar gebruikt wordt. Arpeggio’s in verschillende grepen vullen een groot deel van het nummer. De afwezigheid van de gitaar in delen van het nummer, versterken de momenten met gitaar. Ook tijdens andere nummers weet de gitarist precies wanneer hij welk geluid wil hebben en welke manier van aanslaan hij daarbij gebruikt.

Djurre vertelt dat het volgende nummer Come On hem dierbaar is, waardoor de aandacht van het publiek weer wat intensiever is en enthousiast reageert. Het nummer ‘This Times’ deed me door de zang denken aan een sixties sound, maar de instrumenten gaven er een hedendaagse twist aan. Er volgt een psychedelische, elektronische opbouw en Djurre beweegt op zijn eigen manier over het podium. Het is een interessante twist die aandacht vasthoudt.

Clint Eastbird dikke EP release in Plein 79
Frontman Djurre van Dijck

Toegift
Als hij het podium af springt en zich met vaart door het publiek wurmt, wordt deze aandacht versterkt. Hij verlaat de zaal door een deur achter het podium en de band maakt er een eind aan en verlaat ook de zaal. De zaal joelt om een toegift met de klassieke ‘we want more’. Onder geapplaudisseer komt de band terug. Iedereen wordt bedankt door Djurre, in het bijzonder de mensen die aan de EP hebben meegewerkt.

De laatste twee nummers zijn in mijn ogen de meest feestelijke. Na het eerste nummer volgde weer een vette psychedelische opbouw die overliep in het laatste nummer Ships. Hierbij merkte je dat alle laatste energie eruit werd gegooid, vooral in de expressie van de zang. Gaaf eind.

In de zaal hangt veel liefde, respect en bewondering. Veel mensen gaan langs de merchandise, waar de kersverse EP te koop is, voor elk bedrag dat de fan ervoor wil geven. De bandleden mengen zich tussen het publiek en signeren de EP’s. Ik ben zeer verrast door niet alleen het muzikale niveau van de band, maar ook de professionele aanpak. Het is zeker niet de laatste keer dat ik ze live gezien heb. Van Clint Eastbird ga je nog meer horen.


Foto’s: Aya Dupont

Hijos del Monte

Aanstekelijke cumbia van Hijos del Monte

Dansbare spirituele muziek uit de Andes

De aanstekelijke cumbia van de Argentijnse groep Hijos del Monte wekte veel enthousiasme op bij het danslustig deel van het publiek in de Willem Twee Concertzaal.
Het betekende meteen de opening van het nieuwe seizoen van Muziek Op Donderdag (MOD). Programmeur Noël Josemans gaf in zijn openingswoord aan dat ook dit seizoen veel wereldmuziek in de koker zit.

Hijos del Monte

Hijos del Monte
Hijos del Monte

Op dit moment toert Hijos del Monte door Europa. De groep brengt een bijzondere mix van de typisch Argentijnse dansstijlen milonga en tango met spirituele muziek uit Peru. Die muziek werd al ver vóór de komst van de Spaanse Conquistadores (veroveraars) gespeeld.

Om de muziek van Hijos del Monte te typeren als ‘cumbia’ doet eigenlijk weinig recht aan wat deze Zuid-Amerikanen in hun mars hebben. De dansstijl cumbia wordt veel beoefend in Nederland, is derhalve een publiekstrekker en wordt dus gemakshalve gebruikt.

Tango is een dansstijl die nagenoeg bekend is onder een groot publiek. U kent het wel: een man en een vrouw dansen innig verstrengeld waarbij de man op dominante wijze de dans bepaalt, als een echte Latijnse macho zo wie wil. Milonga is eerder een dansstijl met een sneller ritme die net als de tango eind negentiende eeuw werd ontwikkeld.

Dansbare spirituele muziek
Wat Hijos del Monte zo uniek maakt, is dat zij het ritme van de tango en nog meer die van de milonga mixen met de aloude spirituele muziek uit Peru en dat tot een dansbaar geheel hebben gesmeed. Vooral in de langere nummers wordt dat duidelijk. De gitaar speelt daarin een hoofdrol en voert het publiek mee naar hogere regionen. De percussie, bas en ritmegitaar houden het ritme erin. Het deed mij sterk denken aan de muziek van West-Afrikaanse bands zoals die van King Sunny Adé.

Bossche inbreng

Hijos del Monte
Evelyne Montens

Er was deze avond ook een Bossche inbreng in de persoon van Evelyne Montens, tango zangeres. Zij kent één van de bandleden en die vroeg of zij wilde zingen in de Toonzaal. De nummers die zij zong, kende ze al maar dan in de tango-versie.
Met de band repeteerde Evelyne die nummers in de middag om de milonga- annex cumbia-versie eigen te maken. Haar uitvoering deed zij met zo’n gemak en souplesse dat het leek of zij al jaren mee toerde met de band. Evelyne is sinds 2015 voor zichzelf begonnen met Polyglotte, een taalschool in Den Bosch.


Betekenis Hijos del Monte: hijos betekent nakomelingen; monte kan gebergte betekenen of bos. Monte is ook een stadsdeel van Buenos Aires, hoofdstad van Argentinië. Op de Argentijnse televisie draait een populaire soapserie met als titel Hijos del Monte.

Dampende swamp blues BlueSox viert hoogtij

Onbekommerd spel plezier in Muziekcafé Het Warm Onthaal

De swamp blues van BlueSox, die werkt want de band weet het publiek telkens weer enthousiast te maken en vaak zelf op te zwepen.
De korte nummers dragen daar ook zeker aan bij. Zondagmiddag 10 september trad de band aan in Muziekcafé het Warm Onthaal in de Sint Jacobstraat en opende op die manier zijn nieuwe seizoen.

BlueSox bewerkt traditionals

Tijdens de soundcheck sprak ik even met gitarist en zanger Cor Paridaans. Ik vroeg hem of op deze middag naast covers ook eigen nummers worden gespeeld.
Het antwoord van Cor was ferm: ‘Je kunt die nummers eigenlijk geen covers meer noemen. Het zijn heel oude traditionals die wij bewerkt hebben. Het heeft geen zin om die nummers klakkeloos na te spelen. En BlueSox heeft ze al erg lang op het repertoire staan‘.
Die nummers heeft de band zich zo eigen gemaakt dat je in het geval van BlueSox inderdaad niet kan spreken van covers. De band speelt daarnaast ook eigen nummers.

Bandleden
Cor Paridaans, vocals & leadguitar
Ruurd van der Vegt, harmonica & vocals
Hans Aarts, drums
Peter Zerner, bass

Swampy nummers in drie sets
De soundcheck was klaar. Aan de bar en aan een paar tafels zaten de klanten af te wachten op de dingen die onvermijdelijk zouden komen: een energiek optreden van op elkaar ingespeelde musici.

Het werd drukker in de kroeg en in gesprekken met sommige gasten, werd allengs duidelijk dat het Warm Onthaal het gat vult dat de sluiting van De Rode Pimpernel achterliet. “Vroeger ging ik vaak naar De Rode Pimpernel. Nu ga ik hier naar toe,” zei een nieuwkomer. “Volgens mij heb ik BlueSox daar ook zien optreden.”

Dampende swamp blues BlueSox viert hoogtij
BlueSox met Ruurd van der Vegt

BlueSox liep naar het kleine, gelijkvloerse podium bij het raam. Hans ging zitten achter het drumstel, Peter pakte zijn basgitaar, Cor stemde zijn gitaar en Ruurd stond wat afzijdig aan de kant met zijn mondharmonica. En toen begon het.

Na de intro zong Cor het openingsnummer Down And Out en speelde Ruurd op de mondharmonica. Het was fabuleus, een heerlijk mengsel van rock, blues en swamp waarbij de harmonica een hoofdrol opeiste. De nummers waren lekker kort. Dat is hét handelsmerk van BlueSox. Korte nummers, stevig aangezet ritme en hup, op naar het volgend nummer en dat ging de hele show door.

Die show telde zo’n 26 nummers verdeeld over drie sets. De eerste set was korter dan de volgende twee. Ik had de band nog nooit horen spelen maar was meteen om. En vooral Ruurd van der Vegt met zijn harmonica maakte een onuitwisbare indruk op me.

Dampende swamp blues BlueSox viert hoogtij
Cor Paridaans – gitaar/zang

Hip Shaking Harry
Uiteraard werd het nummer Hip Shaking Harry gespeeld. Een eigen nummer van BlueSox dat gaat over een zekere Harry die helemaal uit zijn dak ging tijdens een concert van BlueSox. Bij gebrek aan een leuke danspartner nam Harry genoegen met een barkruk. Walking The Dog – ooit gecovered door The Stones – volgde meteen daarop.

Een concert van BlueSox staat garant voor onbekommerd plezier. Dat las ik al op vele reviews op het web. Dat zag ik aan de gezichten van de gasten van het Warm Onthaal. Het was een waar hoogtij mis van de blues: de dampende swamp versie welteverstaan.